donderdag 13 februari 2014

Het nieuwe Fries Museum

Hallo blogvolgers,

Enkele weken geleden ben ik naar het nieuwe Fries Museum aan het Zaailand te Leeuwarden geweest. Dat pand ziet u op foto 1. Ik ging daar naar toe samen met de deelnemers van de Autistensoos in Leeuwarden. We waren met circa acht personen plus 3 begeleiders. Ik ben lid van deze soos sinds 2008 en het bevalt me daar goed.


In het Leeuwarder stadscentrum was het die zaterdagmiddag druk met winkelend publiek. En ook het Fries Museum werd opvallend druk bezocht.Ongetwijfeld waren dat bezoekers die het nieuwe museum ook eens wilden bekijken. We wandelden het hele museum door, de ene zaal na de andere, en we bekeken alles wat er stond tentoongesteld. Al snel viel onze grote groep uiteen in een paar kleinere groepjes en liep ik met 3 anderen het hele museum door en vertelde hen van alles over de tentoongestelde voorwerpen. Ze hoorden mij ge-interesseerd aan. Een van hen - zo viel mij op - wist ook meer dan gemiddeld veel over de Friese geschiedenis. We begonnen in de Mata Hari-zaal op de eerste etage. Dat verhaal is voor mij al lang bekend. Ze heeft misschien gespioneerd tijdens de Eerste Wereldoorlog, maar ze heeft zich waarschijnlijk vergist in de zeer serieuze ernst van de toenmalige internationale situatie. Daarnaast heeft ze niet begrepen dat ze door de Fransen als kop van Jut werd gebruikt. Het Franse leger had juist in 1917 aan het Westfront de zoveelste slag tegen de Duitsers verloren. Daarom reageerden ze hun frustratie op haar af. Zo zie ik het.
Daarna kwamen we in de volgende zaal op de de tentoonstelling de Dijk, over de geschiedenis van de strijd tegen het water. Natuurlijk kwamen daar de Frisii ten tijde van de aanwezigheid van de Romeinen aan de orde, met natuurlijk hun terpen, gevolgd door de Grote Volksverhuizing en de komst van de Friezen die vanuit Noord-Duitsland en Zuid-Denemarken neerstreken op de nog altijd aanwezige terpen in Friesland, en die vanaf circa het jaar 1000 de eerste dijken aanlegden. Hier zag ik achterin deze zaal ook de 2 originele koppen van de Steenen Man, het monument voor de Portugees Caspar di Robles, die rond 1570 stadhouder van Friesland en Groningen was (in dienst van koning Philips II). Dat monument staat nog altijd zuidelijk van Harlingen op de waddenzeedijk. De twee koppen ziet u op foto 2. Ik kende ze al van een tentoonstelling in 2011 in het Museum het Hannemahuis te Harlingen. Die ging over overstromingsrampen in Friesland in de afgelopen eeuwen. Daar stonden op die tentoonstelling diezelfde 2  originele koppen van de Steenen Man. Op het huidige monument staan tegenwoordig 2 nieuwe zorgvuldig nagemaakte kopie-en, die de eeuwen weer kunnen trotseren. Ik heb daar indertijd over geblogd op 13 april 2011 onder de titel Middag in Harlingen. Overigens is er jaren geleden - van 2005 tot en met 2008 - in het oude Fries Museum aan de Tweebaksmarkt al eens een interessante tentoonstelling geweest over de terpen in Friesland, onder de titel Superterpen.


In een volgende zaal in het nieuwe Fries Museum was de Hindelooper stijlkamer ondergebracht, te zien op foto 3. Daaraan voorafgaand was een kamer met modern 21-e eeuws interieur ingericht. Maar deze ruimte zat onder het bloed alsof Jack the Ripper hier tekeer was gegaan en een bloedbad had aangericht. Ik vond het smakeloos en niet in een museum thuishoren, zeker niet naast de Hindelooper stijlkamer. Het sloeg nergens op.


Op de tweede etage was een zaal met de tentoonstelling Oud geld. Die werd gepresenteerd door Jort Kelder, de zeer rijke presentator van het society-tv-programma Hoe heurt het eigenlijk. Ik vond dat wel aardig bedacht. Vooral omdat hij de afgelopen paar jaren veel reclame heeft gemaakt voor de Friesland Bank (die helaas in 2013 failliet is gegaan). Op die tentoonstelling werd een en ander getoond en uitgelegd over het zeer rijke en welvarende adellijke old-boys-netwerk in het Friesland van circa 1520 tot ongeveer 1700.
In een andere zaal was een tentoonstelling getiteld Ferhaal fan Fryslan, over allerlei objecten uit de Friese geschiedenis, zoals een paspop in Hindelooper klederdracht, het zwaard (die 2 meter lange doppelhaender) van Frieslands beroemdste held Grote Pier, een portretschilderij van stadhouder Willem Lodewijk van Nassau, het beroemde schrijfplankje van Tolsum uit de Romeinse tijd, en een schilderij van de tot Brit genaturaliseerde schilder Lawrence Alma Tadema. Hij is in 1836 geboren in Dronrijp, overleden in 1912 te Wiesbaden en is datzelfde jaar begraven in Londen in de Saint Pauls Cathedral. Er waren nog veel meer objecten tentoongesteld, maar ik vond het allemaal wel erg rommelig en chaotisch en onoverzichtelijk naast elkaar geplaatst en opgesteld. Er zat geen enkele logica in qua thema of tijdlijn. En eventuele informatieve bordjes ontbraken ook. Kortom: heel slecht. Dat had beter gekund. Wel zag ik sommige bezoekers met een boek in hun handen rondlopen. Blijkbaar hoorde er een boek bij, met nadere tekst en uitleg over de tentoongestelde voorwerpen.

In een volgende zaal was het Fries Verzetsmuseum ondergebracht. Dat was hier in het nieuwe museum ruim van opzet. Veel ruimer dan in het oude Fries Museum in de Kanselarij aan de Tweebaksmarkt. En dat terwijl op de zolder van de Kanselarij (in het oude Fries Museum) meer voorwerpen over en uit de oorlog waren tentoongesteld dan hier in het nieuwe museum. Veel ingrijpende gebeurtenissen zijn er tijdens de bezetting in Friesland niet geweest, op de overval op de oude strafgevangenis na. Wat vrijwel niet ter sprake kwam, was het feit dat de Duitse bezetters - ondanks diverse pogingen aan het begin van de bezetting - uiteindelijk er niet in waren geslaagd om de Friezen mee te krijgen in hun Nazi-idealen.

Op de bovenste etage van het museum waren een paar zalen met moderne kunst. Maar dat sprak me niet aan. De anderen ook niet. Wel genoten we van het weidse uitzicht vanaf deze etage over het Zaailand en de omringende panden, winkels, kantoortorens, en de rest van de stad. Daar maakte ik foto 4.
Hier stonden ook een paar modellen van panden in vitrines opgesteld, ontworpen door de bekende architect Abe Bonnema (1926-2001). Hij heeft jaren geleden zijn eigen woonhuis annex kantoor zelf ontworpen en gebouwd in Hardegarijp. Daar heeft hij tot aan zijn dood gewoond. Na zijn overlijden, bleek hij een legaat aan de stad Leeuwarden te hebben nagelaten waarvan dit nieuwe Fries Museum is gebouwd. Dat is in het najaar van 2013 geopend. En daar liepen wij nu in rond.
Zoals het Zaailand nu er uit ziet, met aan de oostkant het nieuwe Fries Museum, en langs de noordkant het rijtje panden met winkels op de begane grond en woningen erboven, vind ik het hele plein niet helemaal geslaagd. Ook al ziet het er allemaal op zich fraai en sfeervol uit. De panden passen qua bouwstijl niet goed bij het nieuwe museum en de evenwichtige harmonie van het plein zelf is weg.


Tot slot gingen we terug, naar beneden naar het museumrestaurant. Daar bestelden we een kop koffie en praatten we na over ons museumbezoek. Daarna gingen we uiteen en keerden terug naar huis.
Ik bekeek nog even de museumwinkel. Daar lagen veel boeken over tentoonstellingen die in de afgelopen jaren in het oude Fries Museum zijn ge-organiseerd, en allerlei andere op Friesland ge-inspireerde voorwerpen, en rekken vol ansichtkaarten. Maar ik kon niet echt iets vinden dat ik de moeite van een aanschaf waard vond.
Zelf vind ik dat het een goed idee was geweest als deze museumwinkel een samenwerkingsverband was aangegaan met het  HCL (= Historisch Centrum Leeuwarden, het vroegere gemeente-archief van Leeuwarden) of Tresoar (de samenvoeging van de Provinciale Bibliotheek, het archief voor de provincie Friesland / Fryslan, en het FLMD (= Frysk Letterkundig Museum en Dokumentatiecentrum)). Hier aan het Zaailand ligt het meer in de loop van de vele passerende bezoekers en het winkelend publiek. Dan zou zo'n museumwinkel meer boeken, brochures en ansichtkaarten in de aanbieding kunnen doen, speciaal over de recente en oude geschiedenis van Leeuwarden en Friesland. En dan konden bezoekers in deze museumwinkel ook makkelijker worden getipt op beide archiefinstellingen HCL en Tresoar aan de Boterhoek, waar ge-interesseerden nader archiefonderzoek of stamboomonderzoek kunnen doen. Het HCL heeft wel een eigen archiefwinkel met boeken en brochures over de Leeuwarder stadsgeschiedenis. Maar het ligt dusdanig buiten de loop van het publiek en buiten het winkelcentrum van de stad, dat er niet vaak bezoekers even naar binnen zullen lopen om er eens rond te neuzen. Het HCL is gevestigd in een modern pand, naast de winkel van de AFUK en Tresoar, aan de Boterhoek. Het is beslist een bezoek waard vanwege de eigen tentoonstelling over de geschiedenis van Leeuwarden.

zondag 26 januari 2014

Leeuwarden by night

Hallo bloglezers,

Op 28 november 2013 publiceerde ik een blogbericht, getiteld: Rotterdam by night, met nachtfoto's die ik in Rotterdam had gemaakt. Daarna kwam ik op het idee om ook nachtfoto's op mijn blog te plaatsen die ik in Leeuwarden had gemaakt. De hier geplaatste foto's heb ik gemaakt in december 2013 en januari 2014. Vandaar de feestelijke kerstverlichting. Als je de foto's bekijkt, zie je direct een groot verschil. Terwijl Rotterdam als een moderne, flitsende en dynamische stad oogt, is Leeuwarden eerder een oude historische stad met grachten en oude historische panden. Overigens: de grachten die jullie op de hieronder volgende nachtfoto's ziet, zijn van oorsprong helemaal geen grachten. Dat waren oorspronkelijk kreken en riviertjes die zuidelijk van het Vroeg-Middeleeuwse stadje Leeuwarden samenkwamen op de Nieuwstad en ongeveer ter hoogte van de Vrouwenpoortsbrug helemaal aan de westkant van het historische stadscentrum uitmondden in de reeds tijdens de Middeleeuwen dichtgeslibde en sinds 1290 afgedijkte Middelzee of Bordine. In de loop der eeuwen daarna werden de kademuren gebouwd en veranderden die kreken zodoende in grachten.


Op de eerste foto ziet u de stadsgracht op de Nieuwstad met links het fraaie Waaggebouw uit 1595-1598, in renaissancestijl.


Op de tweede foto ziet u de gracht met de Over de Kelders met op de achtergrond in de verte de slanke toren van de Bonifatiuskerk. Ik had al eerder een foto van deze kerktoren geplaatst op mijn blog. Dat was op 1 november 2013 onder de titel Zware storm over Nederland.


Op de derde foto ziet u het Naauw, de verbindingsgracht tussen de gracht op de Nieuwstad en de gracht langs Over de Kelders. In de verte zijn de rode lichtjes op de oude PTT-zendmast te zien die op de PTT-telefooncentrale aan de Tweebaksmarkt staat.


Op de vierde foto ziet u weer de gracht op de Nieuwstad met in de verte de toren van de Dominicuskerk uit 1937.


De vijfde foto heb ik gemaakt in de Prinsentuin. Daar ziet u het bekende restaurant De Koperen Tuin (vernoemd naar de bekende roman van Simon Vestdijk met dezelfde titel uit 1950) fraai verlicht en weerspiegeld in het stille water.


Op de zesde foto ziet u weer de gracht op de Nieuwstad, maar deze keer in oostelijke richting genomen. Dit in tegenstelling tot de eerst en vierde foto die ik in westelijke richting had genomen.


donderdag 23 januari 2014

Alweer een samenstand

Hallo blogvolgers,

Daar was er ineens alweer een samenstand te zien. Nauwelijks een week later na de vorige samenstand waarover ik blogde in mijn vorige blogstukje van 10 januari 2014. De hieronder staande foto bij dit blogbericht heb ik gemaakt op 13 januari 2014, deze keer van de oostelijke hemel, vroeg op de avond. Vandaar dat de hemel nog blauw is en niet zwart als de nacht. En ook daarom dat je hier geen sterren ziet. Wel zie je hier de Maan als een helder stralende schijf met schuin links eronder de planeet Jupiter. Mocht het stipje niet goed te zien zijn, klik dan op de foto voor een vergroting.

Maar dit was nog niet de uiteindelijke samenstand; die kwam eigenlijk twee dagen later. Maar - zoals ik in mijn vorige blogbericht al meldde - je moet in ons land nu eenmaal rekening houden met de weersomstandigheden. En inderdaad, twee dagen nadat ik deze foto had gemaakt was het dik bewolkt en regenachtig. Vandaar dat er van de samenstand zelf niets te zien viel. Helaas. Maar gelukkig had ik de hieronder staande foto twee dagen voorafgaand aan de samenstand al gemaakt.
Op deze foto heb je tevens een uitzicht op het oostelijke deel van de wijk Nijlan, met rechts het bejaardentehuis Nijlanstate, en links grotendeels achter de boom de voormalige Technische School, waar sinds enkele jaren verscheidene kunstenaars wonen en werken in hun ateliers. Handig, dat nuttige hergebruik van zo'n voormalig schoolgebouw. Beter dan de kunstenaars eruit jagen en het grote pand slopen. De vraag waar de kunstenaars dan gehuisvest moeten worden, zou in zo'n geval onbeantwoord blijven. En links onder op de foto waren diverse auto's gepasseerd, wat te zien is aan de witte en rode strepen van koplampen en achterlichten.


vrijdag 10 januari 2014

Avondhemel met opvallende verschijnselen

Hallo ge-interesseerde blogvolgers,

De hier onder staande foto's heb ik gemaakt met een tussenpoos van een maand, kort na beide zonsondergangen. De eerste foto maakte ik op 4 december 2013, de tweede op 2 januari 2014. Op de eerste foto ziet u links van het midden van de foto de zeer heldere planeet Venus aan de avondhemel stralen. Rechtsonder is de Maan te zien. Ik heb die foto erg lang belicht: wel 30 seconden. Daarom zijn de koplampen en de achterlichten van de passerende auto's strepen geworden. Helemaal links bovenaan zijn zelfs een paar sterren te zien, die door de lange belichtingstijd ook streepjes zijn geworden. En door die lange belichtingstijd werd ook Venus een kort dik streepje. En ook de Maan werd daardoor niet als een fraaie dunne sikkel weergegeven maar als een lelijke en dikke knobbel met een kromming. Maar je kunt wel de donkere helft van de Maan zien. Kijk maar eens goed naar die foto. Klik eventueel op de foto om hem flink uitvergroot te bekijken.

Op de tweede foto staat Venus onderaan, net boven die ene zwarte wolk, boven die linker electriciteitsmast. Een heel stuk hoger staat de dunne Maansikkel. Deze foto heb ik korter belicht: maar 5 seconden. Daardoor is de Maansikkel op deze foto wel zo mooi dun gebleven en is ie geen dikke streep geworden, zoals op de eerste foto. En ook op deze tweede foto is de donkere helft ook zichtbaar. Vindt u dat vreemd? Dat is het niet. Het is het zonlicht dat door de Aarde weer de ruimte in weerkaatst wordt en op de donkere helft van de Maan valt en vervolgens door de Maan weer naar de Aarde terug weerkaatst wordt. Anders konden we die donkere helft van de Maan niet eens zien. Ik heb dit verschijnsel heel vaak gezien, juist vooral bij dit type van Maanstand bij Wassende Maan, voor het Eerste Kwartier bereikt is.
Samenstanden van planeet (niet alleen Venus maar ook Mars, Jupiter of Saturnus) en Maan, of planeten onderling (met zijn 2-en, of  - zeldzaam - met 3 of 4 planeten tegelijk) heb ik ook vaak gezien. Op 24 februari 2012 heb ik al eens een foto met 2 planeten en de Maan gemaakt die ik op 7 maart 2012 op mijn blog heb gepubliceerd onder de titel: planeten aan de sterrenhemel. Mercurius heb ik maar zelden gezien. Die staat te dichtbij de zon, waardoor ie vaak volledig wordt overstraald door het zonlicht.

De volgende samenstand van Maan en Venus zal rond 31 januari zijn. Neen, eerder rond 28 a 29 januari. Reken daar maar op. De Maan heeft een omlooptijd van 28 dagen, geen maand.
Deze foto's heb ik gewoon thuis vanaf mijn balkon gemaakt. Kortom, je hoeft niet naar verre exotische locaties af te reizen om toch opvallende astronomische foto's te kunnen maken. Het enige wat je nodig hebt is een goede spiegelreflexcamera op statief, en de juiste weersomstandigheden (geen wolken dus).


zondag 5 januari 2014

Bekende Russische stad in het nieuws

Hallo bloglezers,

Ineens was eind december 2013 een Russische stad in het nieuws vanwege enkele bomaanslagen. De huidige naam van die stad zal niet bij iedereen direct een belletje doen rinkelen, maar de oude naam zal bij velen wel degelijk een enorme bel hebben doen rinkelen. Inderdaad, ik bedoel de stad Wolgograd, gelegen op de westoever van de rivier de Wolga. Voor 1961 heette die stad Stalingrad, bekend vanwege de gruwelijke gevechten tijdens de Tweede Wereldoorlog gedurende de winter van 1942-1943. En voor 1925 heette diezelfde stad Tsaritsyn. Die stad was in 1598 gesticht als vestingpost aan de zuidoostelijke grenzen van het grootvorstendom Moskovia. In datzelfde jaar overleed tsaar Fjodor I (1557-1598) onder verdachte omstandigheden. Hij was de verstandelijk gehandicapte zoon van tsarina Anastasia Romanova (1530-1560) die in 1560 al onder verdachte omstandigheden overleed (door vergiftiging). Dat maakte zijn vader tsaar Ivan Grozny (1530-1584) zo paranoide dat hij vele bojaren tevergeefs tot bekentenissen liet martelen en executeren. Vandaar dat hij in het westen beter bekend is als Ivan de Verschrikkelijke. Zelf is Ivan Grozny in 1584 eveneens onder nogal verdachte omstandigheden overleden. De bojaar Boris Godunov (1551-1605) volgde in 1598 tsaar Fjodor I op als tsaar, maar overleed zelf in 1605 ook onder verdachte omstandigheden. Daarna brak de periode van de Troebele Tijden aan. Die term was een eufemisme voor totaal chaotische toestanden in Rusland, met een Pools leger dat Rusland binnenviel, valse troonopvolgers, en rondzwervende roversbenden. Er kwam pas in 1613 een eind aan deze chaotische periode toen de Poolse vijand het land werd uitgejaagd en er een nieuwe tsaar op de troon werd gezet, namelijk Michael Romanov (1596-1645). Toen bestond de vestingstad Tsaritsyn 15 jaar. Tsaar Michael was familie van de eerder genoemde Anastasia Romanova. Hij zorgde op dictatoriale wijze voor rust en orde in het land, wat door de bevolking zeer werd gewaardeerd. Wat logisch is, gezien de afgrijselijke ervaringen van de bevolking gedurende de Troebele Tijden. Een bekend patroon in Rusland. Maar dat verder terzijde.

Terug naar de 20-ste eeuw: In 1924 overleed Lenin (1870-1924) onder enigszins verdachte omstandigheden. In datzelfde jaar werd Stalin (1878-1953) de nieuwe dictator van de Sovjet-Unie. Een jaar later kreeg de stad Tsaritsyn een nieuwe naam: Stalingrad. En waarom betrof dat specifiek die stad? Stalin was door de partijleiding in 1918 naar Tsaritsyn gestuurd om de verdediging van de Roden (de Bolsjewistische troepen) te reorganiseren en te verbeteren in hun strijd tegen de Witten (de troepen die voor de Tsaar vochten). Cruciaal belangrijk was het helemaal niet, maar Stalin vond het in 1925 - zodra hij alle macht in de Sovjet-Unie in handen had - zeer belangrijk om zijn rol in de Russische Burgeroorlog van 1918-1920 zeer nadrukkelijk te benadrukken. Tijdens de Russische revolutie van oktober 1917 (kalender oude stijl) speelde Stalin namelijk een klein rolletje van zeer weinig belang; dat speelde zich af in de schaduw van de grote revolutionaire gebeurtenissen. Dat hij vanaf 1925 zijn rol meer dan benadrukte, had dus puur te maken met jaloezie op de revolutionairen uit 1917. Zo werd het verhaal over de verdediging van Tsaritsyn opgeblazen tot mythische proporties. Alsof daar het keerpunt van de Russische burgeroorlog plaatsvond, wat dus bepaald niet het geval was. Dat was eerder het Wonder aan de Weichsel (nu: Wisla) in augustus 1920, waarbij het Rode leger onder bevel van generaal Toechatsjevski (1893-1937) door het Poolse leger vernietigend werd verslagen. Cruciaal, want daardoor kon de revolutie niet meer naar de rest van het Europese continent worden ge-exporteerd. Maar via Tsaritsyn - waarvan de naam in 1925 was veranderd in Stalingrad - trad Stalin eindelijk uit de schaduw waar hij naar zijn gevoel niet in thuishoorde. Daarbij hielp het ook dat hij in de jaren 30 de Grote Terreur begon, waarbij hij showprocessen organiseerde waarbij hij al zijn tegenstanders (echte en vermeende) uit de weg ruimde, zodat niemand meer wist hoe marginaal zijn rol echt was tijdens de Russische revolutie en de daaropvolgende burgeroorlog.
Over die ziekelijke jaloezie van Stalin heb ik eerder geblogd, namelijk op 1 juni 2013, over de Tentoonstelling De Sovjet Mythe in het Drents Museum te Assen. Daarin besprak ik het schilderij uit 1935 waarop Sergei Kirov (1886-1934) de jeugdige sporters toezwaaide.

Toen Hitler op 22 juni 1941 met Operatie Barbarossa begon, dacht hij de Sovjet-Unie snel te kunnen veroveren. Zoals algemeen bekend verkeek Hitler zich enorm op de gigantische uitgestrektheid van het land, het barre winterklimaat en de verbeten woede en vasthoudendheid en vechtlust van de Russische soldaten. De Duitse legers rukten over een zeer breed front zeer ver op in de Sovjet-Unie. In het noorden werd Leningrad (sinds 1992: Sankt Petersburg) omsingeld en afgesloten van de rest van het land en 3 jaar lang belegerd. In het midden rukten de Duitse legers op tot aan de noordelijke buitenwijken van Moskou. In het zuiden veroverden de Duitse legers Kiev en Charkow en naderden de stad die de naam van de Sovjet-dictator droeg. Het leek Hitler wel een leuke pesterij om juist die stad te veroveren. Stalin had dat wel door en stuurde zijn beste en meest meedogenloze generaals naar Stalingrad om daar de verdediging te leiden en de Duitsers te verslaan en terug te jagen naar Berlijn. De slag om Stalingrad begon op 23 augustus 1942 met een massaal bombardement door de Luftwaffe en eindigde op 2 februari 1943 met de overgave van het 6-e leger onder bevel van generalfeldmarschal Friedrich Paulus (1890-1957). Op foto 1 - de zwartwitfoto hieronder, die ik gevonden heb in de wikipedia - is de totaal kapotgeschoten stad direct na de bevrijding te zien.


Na afloop van de Tweede Wereldoorlog kregen een aantal steden in de Sovjet-Unie een onderscheiding omdat de bevolking zich heldhaftig had verzet tegen de Nazi's. Dat waren de 13 Heldensteden. Dat waren naast Leningrad, Moskou, Koersk, Kiev, Odessa, Sebastopol en nog een reeks steden, ook Stalingrad. In Moskou werd in 1966 een monument gebouwd, bestaande uit een platform op de tombe met daarin de onbekende soldaat, met ervoor een eeuwige vlam en rechts ervan een reeks van 13 blokken met daarin aarde uit die 13 Heldensteden. Dit alles van rood porfier.


Op foto 2 hierboven (die ik in september 2008 in Moskou heb gemaakt), ziet u het blok van rode porfier met daarin de aarde uit de heldenstad Stalingrad voor de Kremlinmuur in de Alexandertuin. Dat daar tegenwoordig de naam Stalingrad op staat is zeer curieus, ronduit merkwaardig. In 1967 - toen het monument werd onthuld - was de naam Stalin taboe. Na de geheime toespraak van Nikita Chroetsjow (1894-1971) in 1956 op het XX-ste partijcongres werd in de hele Sovjet-Unie en de rest van het toenmalige Oostblok de destalinisatie doorgevoerd en werden overal de standbeelden van Stalin verwijderd en straatnamen die naar Stalin genoemd waren van naam veranderd. Ook de stad aan de Wolga veranderde van naam. De in 1953 overleden dictator (die net als vele voorgangers ook was overleden onder verdachte omstandigheden) werd vanaf 1956 volledig doodgezwegen. Daarom stond sinds 1967 op dit blok Wolgograd. Dat herinner ik me nog van de eerdere keren dat ik in Rusland op vakantie ben geweest in 1987 en in 1992. Toen ik in september 2008 voor de derde keer op vakantie was, zag ik verbaasd dat deze keer de naam op dat blok was veranderd. Ik heb in december 2013 na een zoektocht in de wikipedia ontdekt dat in september 2004 de naam op dat blok was veranderd van Wolgograd in Stalingrad.


En nu in december 2013 was de stad ineens in het nieuws vanwege een bomaanslag in de hal van het spoorwegstation. Op foto 3 hierboven - die ik van de NOS-site heb geplukt - is het enorme na-oorlogse gebouw te zien in de typische bouwstijl van de Stalin-gotiek. Achter de ramen van de hal zie je net de bom ontploffen. Op het plein voor het stationsgebouw is een kleine smetteloos witte beeldengroep te zien, de dans van de kinderen, ge-inspireerd op een Russisch sprookje. Die ken ik van een foto (zie foto 4 hieronder, die ik van internet heb geplukt) uit de Tweede Wereldoorlog. Daarop ziet u de zelfde beeldengroep bestaande uit 6 kinderen die onbezorgd in een kring rond een krokodil dansen, maar dan beschadigd en geblakerd door het oorlogsgeweld, terwijl op de achtergrond de verwoeste en brandende gebouwen er omheen staan. Het is een foto gemaakt door de Sovjet-journalist Emanuil Evzerikhin (1911-1984) op 23 augustus 1942. Dat was de dag waarop de Duitse aanval op Stalingrad begon met een grootschalig bombardement van de Luftwaffe op de stad waarbij naar schatting rond de 40.000 mensen omkwamen. De Duitsers hadden toen al veel ervaring met het bombarderen van steden, niet alleen Guernica in 1937 of Warschau in 1939, maar ook Rotterdam op 14 mei 1940 en later dat jaar Londen en diverse andere Britse steden.


Ik ken die beeldengroep ook uit een film uit 2001 over de slag om Stalingrad, getiteld Enemy at the Gates. Daarin verstopt de hoofdpersoon - de later bekend geworden scherpschutter Wasili Zaitsev - zich aan het begin van de film in het bassin van de fontein uit zelfbescherming tegen Duitse soldaten. En tegen de Sovjet-troepen van Smersh, die alle gedeserteerde sovjet-soldaten doodschoten. Het is een goede film, al schijnen veel Russische veteranen zich enorm te hebben ge-ergerd aan dat begin van die film; daar klopte volgens hen niets van.
Op 23 augustus 2013 heeft Poetin een zorgvuldig gemaakte kopie van deze beeldengroep onthuld voor het spoorwegstation van Wolgograd. Die is te zien op foto 3. Daarom is de foto van de bomaanslag in het station met ervoor die beeldengroep, voor Russen extra schrijnend, vanwege de voorgeschiedenis met de Slag om Stalingrad.

woensdag 1 januari 2014

Nog een heilige plek van de Friezen die in het water ligt

Hallo bloglezers,

De hieronder staande foto heb ik op 23 augustus 2013 gemaakt aan de James Wattstraat bij de Zwettehaven op het industrieterrein De Zwette aan de westkant van Leeuwarden. Daar is inderdaad in 1985 en 1986 en 1997 de start geweest van de Elfstedentocht. Of dat in 1963 en eerder ook al zo is geweest, weet ik niet, maar dat even terzijde. Dat is waar ook: eigenlijk was de start elders: in de Friesland Hal (dat heet nu : Fryslan Expo Center) aan de Heliconweg. Van daar moesten de schaatsenrijders eerst naar de Zwettehaven toe rennen, en pas hier hun schaatsen onderbinden. Vervolgens moesten ze hier het ijs van deze dichtgevroren Zwettehaven op gaan en naar Sneek schaatsen om daar hun eerste stempel te halen. Vandaar moesten ze verder schaatsen langs IJlst en de daarop volgende 8 Friese steden, en onderweg in al die steden een stempel halen om aan te tonen dat ze inderdaad langs alle 11 steden zijn geschaatst.
Om de (zomerse) passant eraan te herinneren dat hier de start van de Elfstedentocht was, is de schakelkast helemaal links beschilderd met met een ijzig landschap en een paar schaatsers op een bankje die hun schaatsen onderbinden.


Misschien herinneren sommige bloglezers met een zeer goed geheugen het zich nog. Twee jaar geleden, om precies te zijn: op 6 oktober 2011, heb ik ook geblogd over de Elfstedentocht, maar dan over de finish ervan op de Bonkesloot, onder de titel: Heilige grond van de Friezen in het water.
Mocht je willen weten wat ik er toen over schreef, klik dan in de lijst blogberichten hier rechts op het jaar 2011 en vervolgens op de maand.

Overigens schijnt het mogelijk te zijn om in een blogbericht een doorkliklink te plaatsen of in te voegen, waarmee de ge-interesseerde lezer kan doorklikken naar een eerder geschreven blogbericht. Maar hoe dat moet, weet ik niet. Weet iemand anders dat wel? Leg het me dan eens uit. Dat kan ik goed benutten.

donderdag 26 december 2013

De laatste 2 dagen in Rotterdam

Hallo bloglezers,

Ik had nog meer te vertellen over mijn korte weekje in Rotterdam eind november 2013. Op de een a laatste dag heb ik een hele zwerftocht door de stad gemaakt. Eerst reed ik met de tram naar het metrostation Maashaven en vervolgens reed ik verder met de metro naar de noordoever. Alleen stapte ik voor het eerst niet uit op het metrostation Rotterdam CS maar bleef zitten tot aan het nieuwe en 18 meter diep liggende metrostation Blijdorp. Daarmee is dit het metrostation dat het diepst ligt van alle metrostations in Rotterdam. Dit station ligt aan een nieuwe metrolijn die in 2010 werd geopend en sindsdien helemaal doorloopt tot aan Den Haag CS en daarom Randstadrail heet. Op dat metrostation Blijdorp (dat nog een flink end lopen is naar de diergaarde met dezelfde naam) heb ik vanaf het perron de eerste foto gemaakt. Aan het eind ziet u de geboorde tunnel die nog dieper gaat dan dit station onder de grond ligt. Om naar boven te gaan, moet je - vanwege de grote diepte -  3 trappen naar boven nemen, in plaats van 2 trappen zoals op het oudste traject van de Rotterdamse metro (dat loopt van Rotterdam CS naar Zuidplein).



Ik stapte uit en liep eerst in noordelijke richting langs de Statenweg. De zeer brede middenberm is een groot plantsoen met halverwege een kinderspeelplaats op een verhoging. Daar maakte ik foto 2. Op de voorgrond ziet u het informatiebord over het Keezending uit 1787. Die eerder genoemde (kleine) verhoging is daar expres zo aangebracht, want daar op die plek heeft in 1787 het Keezending gestaan. Dat was een stoomgemaal (de eerste in Nederland!) bedoeld om de laaggelegen polder Blijdorp droog te malen. Omdat de stoommachine (gekocht bij de machinefabriek van James Watt in Engeland) en het gebouw gefinancierd was door patriotten (die als bijnaam Kezen - naar de keeshonden - hadden) uit Rotterdam, heette het gemaal in de volksmond ook Keezending. Het stoomgemaal heeft maar een paar jaar gefunctioneerd. In 1791 werd het al ontmanteld en in 1800 werd het afgebroken. In 2004 werden de fundamenten teruggevonden en onderzocht door archeologen. Daarna werden ze verwijderd in verband met de aanleg van de nieuwe metrolijn.



Daarna liep ik de Statenweg af in zuidelijk richting. Na enig zoeken vond ik de flatwoning op de eerste verdieping (te zien op foto 3) waar het Nederlandse leger van de sector Rotterdam zijn hoofdkwartier had en waar op 14 mei 1940 het Duitse ultimatum door 3 Duitse officieren aan de stadscommandant kolonel P.W. Scharroo (1883-1963) werd overhandigd. Die wees het af omdat het niet correct was ondertekend door de Duitse generaal, die zich met zijn manschappen had verschanst op de zuidoever en op het Noordereiland. Scharroo vond het maar een vaag vodje dat zomaar van iedereen afkomstig kon zijn. Daarom stuurde hij  zijn ondergeschikte kapitein Backer met een witte vlag als parlementair naar het Duitse hoofdkwartier op het Noordereiland, met het verzoek om een nieuw en correct uitgeschreven en ondertekend ultimatum. Toen kapitein Backer aankwam bij de Duitsers op het Noordereiland, reageerde general Schmidt ge-ergerd vanwege de paragrafenruiterij van die Hollandse commandanten, maar schreef toch maar een nieuw en correct uitgeschreven en ondertekend ultimatum en gaf dat mee terug aan kapitein Backer. Die keerde met zijn witte vlag via de Maasbrug terug naar de noordoever, maar halverwege zag hij tot zijn groeiende verbijstering een geschwader Heinkel-111-bommenwerpers komen aanvliegen die bommen uitstrooide over de stad. Vervolgens deed hij er uren over om weer bij het Nederlandse hoofdkwartier aan de Statenweg te komen omdat hij zich dwars door de ruines van de brandende stad moest heen werken. Daar aangekomen, overhandigde hij het nieuwe ultimatum dat deze keer direct door Scharroo werd aangenomen. Scharroo droop daarna af omdat hij de spanningen niet langer meer aankon. Vervolgens moest kapitein Backer met het antwoord van Scharroo weer terug naar de Duitsers. En ook dat duurde uren. Onderwijl steeg in Duitsland het geschwader bommenwerpers opnieuw op voor een tweede bombardement op Rotterdam, want Goering maakte zich kwaad omdat die Hollandse kaaskoppen maar niet opschoten met zich over te geven. Hij wist niet dat het Nederlandse leger helemaal niet beschikte over moderne communicatie-apparatuur. Binnen het Duitse leger was dat allang ingevoerd. Kapitein Backer overhandigde net op tijd het antwoord op het Duitse ultimatum aan generaal Schmidt. Onderwijl naderde het geschwader voor de tweede keer Rotterdam. General Schmidt hoorde het sinistere gebrom van de motoren van de naderende bommenwerpers. Daarop gaf hij snel de opdracht om per radio het bombardement af te gelasten vanwege de overgave van het Nederlandse leger, en omdat de noordoever al bezet was. En dat terwijl de Duitse soldaten nog de Maasbrug over moesten om het brandende centrum van Rotterdam nog te gaan bezetten. Daarmee werd een tweede bombardement op Rotterdam op het nippertje voorkomen. Tegenover de ingang van de portiekflat met nummer 147 staat een monumentje, bestaande uit een steenplaat met tekst, omringd door een lage heg en wat struiken. Dat ziet u op foto 4. Op de achterrond ziet u de auto's over de Statenweg voorbijrijden. Zo ziet u maar weer: de oorlog is in Rotterdam nooit ver weg.
Trouwe volgers van mijn blog weten dat ik al vaker heb geblogd over de mei-oorlog in 1940, onder andere op 13 mei 2013 onder de titel: Herdenking bombardement op Rotterdam, met internettip. En ook op 13 mei 2012 onder de titel: Gedenk de strijd om de Maasbruggen in Rotterdam in mei 1940.
Nadat ik foto's van de flat en het monument had gemaakt, liep ik terug naar het metrostation Blijdorp en reed terug naar het stadscentrum.



Op het metrostation Beurs stapte ik uit en maakte van daar een wandeling langs de Coolsingel, de Lijnbaan en de Oude Binnenweg. Daarna stak ik het Eendrachtsplein over en wandelde langs het Museum Boymans van Beuningen het Museumpark in. Daar heb ik foto 5 gemaakt. Daarop ziet u het fraaie gebouw van Museum Boymans van Beuningen uit 1935 vanuit de rozentuin. Het gebouw is de schepping van de toenmalige museumdirecteur Dirk Hannema, over wie ik eerder heb geblogd op 26 augustus 2011 onder de titel: Museum de Fundatie in Zwolle, en opnieuw op 18 mei 2012 onder de titel: Kasteel Nijenhuis bij Heino. Daarna liep ik het Museumpark door naar de Westzeedijk. Daar staat het Natuurhistorisch Museum, naast de Kunsthal (waar je maar beter geen kunstwerken kunt tentoonstellen omdat ze anders zo makkelijk kunnen worden gestolen, zoals in 2013 is gebleken). Die panden kunt u zien op foto 6.
Het Natuurhistorisch Museum is een interessant museum met een expositie over biologie en geologie, met veel opgezette dieren en een grote verzameling skeletten van allerlei dieren uit de gehele wereld, waaronder dat van een olifant, een giraffe en een struisvogel. Dat kan makkelijk in Rotterdam, met een dierentuin vlakbij in de wijk Blijdorp. Curieus is de vitrine met opgezette dieren waar een zeer apart verhaal aan vast zit. Hier staat bijvoorbeeld de in Leeuwarden bekende dominomus. In november 2005 wilde men in Leeuwarden een record vestigen door zoveel mogelijk dominosteentjes om te laten vallen. Helaas vloog er voortijdig een mus de Friesland Hal (tegenwoordig Friesland Expo Center geheten) binnen en liet een aantal dominosteentjes voortijdig omvallen. Om te voorkomen dat die mus nog meer dominosteentjes zou laten omvallen is er een jager ingeschakeld die het musje heeft doodgeschoten. Nadien werd de schutter door natuurfanaten bedreigd en werd de conservator van het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam, de heer Cees Moeliker, blij gemaakt met deze dooie mus. Hij heeft het beestje laten opzetten en nu staat het in een vitrine te pronk, tesamen met andere dieren met een apart verhaal, waaronder de dode eend die zich op 5 juni 1995 doodvloog tegen een enorm groot raam aan de achterkant van het museum en vervolgens door een andere eend meer dan een uur lang werd verkracht. Moeliker had alle tijd om er foto's van te maken. Het was het eerste en tot nu toe enige geval van necrofiele homosex onder eenden. Nadien schreef Moeliker er een verslag over dat aanvankelijk de lachers op de hand kreeg en waarvoor hij de lg-nobelprijs heeft gekregen voor het meest belachelijke wetenschappelijke verslag. Hoewel?




Op de laatste dag ging ik naar de Railz Miniworld. Dat is gevestigd op de begane grond in een flatgebouw aan het Weena, op loopafstand van het Centraal Station van Rotterdam. Het werd geopend op 30 maart 2007. Daar is een enorme maquette gemaakt met allerlei bekende gebouwen in Rotterdam, havens met schepen en kranen, industrieterreinen, waar wegen en spoorlijnen door heen lopen en waar dus veel treintjes overheen rijden. Niet alleen treintjes maar ook trams en metro's, en zelfs een TGV. Zeg maar: een Rotterdams soort Madurodam, maar dan overdekt. Kortom hartstikke leuk voor kinderen en voor mannen die nog steeds graag met treintjes willen spelen, en natuurlijk ook voor Rotterdammers. Want er staan veel gebouwen en bruggen uit de Rotterdamse binnenstad. Zo ziet u op foto 7 op de voorgrond de bruggen over de Koningshaven met rechts het Noordereiland en links Rotterdam-zuid en in de verte de bekende nieuwe Erasmusbrug en daarachter het bekende HAL-schip de Nieuw-Amsterdam aan de Wilhelminakade. En op foto 8 ziet u het Rotterdamse gemeentehuis aan de Coolsingel, vlak bij de rotonde rond het Hofplein, met daarachter het oudste spoorwegstation van Rotterdam uit 1847. Daar weer achter ziet u verscheidene gebouwen bij elkaar staan die door het bombardement van mei 1940 verloren zijn gegaan, zoals de Delftse Poort, cafe Loos (het halfronde gebouw met de roze ronde luifels), het oude Hofpleinstation en het grand cafe de Kroon. Zelfs hier in de Miniworld is de oorlog niet ver weg.
Daarnaast wordt het om de 24 minuten donker en zie je in alle woningen en kantoren de lichtjes aangaan, zoals u kunt zien op foto 9. Zelfs dag en nacht wisselen zich hier af, wat de Miniworld helemaal tot een spektakel maakt. Op deze foto ziet u het nieuwste spoorwegstation van Rotterdam met links ernaast het Groothandelsgebouw uit 1952. Dat was het eerste pand dat na de oorlog in Rotterdam werd gebouwd. Het was tevens het grootste bouwwerk in Nederland, waar alle bedrijven terecht konden die in mei 1940 hun kantoorruimte waren kwijtgeraakt als gevolg van het bombardement.
Na afloop maakte ik een wandeling dwars door de binnenstad, het schouwburgplein en de Lijnbaan naar de Coolsingel. Daar stapte ik op de tram terug naar huis.
De dag daarna keerde ik per trein terug naar Leeuwarden.