donderdag 17 maart 2011

Middag in Veenwouden


Hallo mede-bloggers,


Afgelopen dinsdagmiddag 15 maart ( toen ik, zoals elke week, de trein naar Groningen nam), ben ik onderweg in Veenwouden uitgestapt. Veenwouden is bekend vanwege de Schierstins. Ik ben daar heen gewandeld, ik heb het oude pand gefotografeerd (zie de bijgevoegde foto met krokussen op de voorgrond), en ik heb het museum bezocht. Ik vond het wel interessant, maar vrij klein. Vorig jaar ben ik in het kloostermuseum in Aduard geweest, en dat vond ik veel groter, indrukwekkender en interessanter. In het museum in de Schierstins was een kleine expositie over de Kloostertijd in Friesland (vanaf circa 1150 tot aan 1580, maar waarom was er niks te zien of te lezen over de Schieringer en Vetkoper Twisten? ), een aparte kamer over Theun de Vries (die in Veenwouden geboren is) met een kast vol boeken en een vitrine met wat spullen van hem, zoals zijn typemachine waarop hij zijn romans uittypte, een kamer met foto's van stinzenplanten aan de wanden (zoals die over een maand in bloei zullen staan rond de Schierstins), in een zaal boven in de stins een diapresentatie over de geschiedenis van de Schierstins en Veenwouden, en verder een zaal met wat moderne kunst.
Na afloop heb ik nog een klein eindje rondgewandeld in het dorp, waarna ik terugliep naar het station en weer instapte in de trein naar Groningen. Het dorp zelf vond ik niet erg de moeite waard. Op de Sint Johanneskerk uit 1648 na. Waardoor zou dat komen? Komt dat omdat de meeste woningen en panden soms van na 1866 zijn? Of van nog recenter datum? In 1866 werd de spoorlijn Groningen-Leeuwarden in gebruik genomen, inclusief het station van Veenwouden. Pas toen begon het dorp uit te groeien tot het huidige dorp Veenwouden. Voordien bestond het uit twee vlak bij elkaar liggende dorpen( Eslawald en Sint Johanneswald). Het enige andere interessante gebouw van Veenwouden staat echter niet meer in het dorp, maar in Arnhem, in het Open Lucht Museum: de zuivelfabriek Freya. De spoorlijn liep er vlak voor langs. Die spoorlijn zorgde voor uitstekende verbindingen met de rest van het land en de wereld. Daaraan kun je de opvallende economische en sociologische invloed van de komst van een spoorlijn zien.

maandag 14 maart 2011

de echte lol van genealogie

Inderdaad, mede-bloggers,

Alweer een verhaal over stamboomonderzoek, oftewel genealogie. Natuurlijk is het leuk om in de archieven op zoek te gaan naar je voorouders en familieleden. Maar na verloop van tijd heb je inderdaad alleen een "kale stamboom". Het wordt pas echt leuk als je zo'n "kale stamboom" aankleedt met verhalen over die personen. Niet alleen waar en wanneer ze waren geboren, met wie en waar ze trouwden en kinderen kregen, en ook niet alleen waar en wanneer ze zijn overleden.
Maar ook gegevens als: waar hebben ze gewerkt. Hebben ze soms bij een bekend bedrijf gewerkt, zoals de NS ? Mijn overgrootvader is in 1903 in dienst getreden van de SS. Nee, niet die beruchte club, maar gewoon heel netjes: de Staats Spoorwegen. En daar heeft hij tot aan zijn pensioenering gewerkt. Hij was daar rangeerder op het rangeerterrein in Rotterdam-Zuid. Jaren geleden heb ik zijn dienststaat bij de NS opgevraagd en gekregen. Al die personeelsdossiers zijn bewaard gebleven.
Een andere overgrootvader van mij werkte in de margarinefabriek van Van den Bergh, eveneens in Rotterdam-Zuid. Van den Bergh is later gefuseerd met het bedrijf Jurgens, en enkele jaren later samengegaan met Lever Brothers. Toen kreeg het de naam Unilever. Curieus en tragikomisch is de manier waarop hij bij dat bedrijf terecht kwam. Hij woonde aanvankelijk met zijn vrouw en kinderen in het dorp Barendrecht. Daar kon hij bij de boer goedkoop melk kopen, vers van de koe. Maar hij hoorde dat je in de stad wel zes keer meer kon verdienen. En dus vertrok hij met zijn gezin in 1895 naar Rotterdam. Daar kwam hij te werken bij Van den Bergh. Maar toen pas merkte hij dat niet alleen de lonen in de stad zes keer hoger waren dan op het platteland, maar de prijzen en de huren ook. Eigenlijk een bekend en nogal treurig verhaal, want dat geldt ook nu nog steeds in derde-wereld-landen.
Een belangrijke en interessante bijlage bij huwelijks-akten is voor mannen het militieformulier. Daarop werd altijd vermeld de naam van de dienstplichtige recruut, hoe hij eruit zag (kort of lang, blond of donker, blauwe of bruine ogen), wie zijn ouders waren, waar hij geboren was, wat zijn beroep was, en of hij was ingeloot of uitgeloot. In het laatste geval mocht hij weer naar huis. Overigens ben ik een keer een neef van een van mijn voorvaders tegengekomen, die juist niet naar huis ging maar zich vrijwillig meldde voor het Korps Mariniers. Dat was in 1893. Al snel daarna reisde hij met zijn legeronderdeel af naar Nederlands Indie. Mensen die de geschiedenis van onze kolonie in de oost kennen, zullen nu bedenkelijk gaan kijken. Heeft hij soms in Atjeh gevochten. Waarschijnlijk wel. Daar zijn binnen de familie verhalen over.
En dan heb je natuurlijk ook de Tweede Wereldoorlog. Dat conflict heeft er in Nederland heel diep ingehakt. En daar zijn natuurlijk ook de nodige verhalen van gekomen. Die zul je lang niet altijd in de archieven vinden. Daarvoor zul je echt bij de familieleden zelf langs moeten om ze honderduit te vragen.
Zo had mijn opa een neef die in 1939 als steward aan boord van het HAL-schip de Nieuw Amsterdam vertrok voor een paar maanden. Zoals bekend brak in mei 1940 ook voor Nederland de oorlog uit en kon die man niet meer terug. Hij is in totaal 7 jaar weggebleven. Daarna kwam hij dus thuis in een totaal ander land.
Er is nog een ander interessant onderwerp om uit te zoeken: welk geloof hadden de verschillende familieleden vroeger? Nederlands Hervormd? Gereformeerd? Remonstrants? Rooms-Katholiek? In de eerste helft van de 20-ste eeuw was de samenleving ge-organiseerd in zuilen. Nu kijken de jongeren van nu (= 2011) daar ietwat vreemd tegen aan, maar toen vond men het volstrekt normaal. De Rooms-Katholieken hadden hun rijke Roomse leven, met die uitgebreide santekraam. Daar staken de Hervormden en Gereformeerden maar armoedig sober bij af. Bovendien had je vooral binnen die Gereformeerde zuil van tijd tot tijd theologische discussies die weleens uitliepen op kerkscheuringen zoals in 1926 over de vraag of de slang in het paradijs echt gesproken had of niet. In 1834 had je ook al een kerkscheuring. Dat was in Ulrum en betrof de Afgescheidenen. Zij werden nogal vervolgd. Zozeer dat in 1847 een grote groep Nederland verliet en naar Amerika vertrok. Zelf heb ik ook vrij verre voorouders ontdekt die rond 1855 naar Amerika zijn vertrokken en in Iowa zijn neergestreken.

Naast al dit speurwerk in archieven, helpt het ook als je daarnaast allerlei boeken leest (bestudeert?) over geschiedenis (over het algemeen vanaf de Middeleeuwen tot en met de Tweede Wereldoorlog), van de regio's waar je voorouders vandaan kwamen, koloniale geschiedenis (als er voorouders of familie naar Nederlands Indie of Suriname of de Antillen zijn vertrokken), godsdienstgeschiedenis, en bedrijfsgeschiedenis (als je voorouders bij een bekend bedrijf hebben gewerkt). Dat kleedt een stamboom echt aan.

woensdag 2 maart 2011

aanvulling genealogie

Hallo mede-bloggers,

Daar vergat ik in mijn vorige bericht nog iets te vermelden: waar kun je aan genealogische programma's komen? Er bestaan verschillende programma's waar je je genealogische gegevens in kunt invoeren, waarna je de fraaiste overzichten op je printer kunt uitdraaien of je eigen stamboomboek kunt samenstellen. Zo zijn er programma's als Aldfaer ( www.aldfaer.nl , niet alleen in het Nederlands, maar ook in het Fries!), Brothers Keeper (www.bkwin.nl ), Gens Data Pro (www.gensdatapro.nl , van de NGV), Haza-21 en haza 7.2 (beide van www.hazadata.com ).

Op http://genealogie.hcc.nl/drupal/genealogie/genealogie/programmas-voor-genealogen vind je twee doorkliklinks naar overzichten met nog meer genealogische programma's met vermeldingen van alle mogelijkheden plus beoordelingen hoe goed ze zijn.

Zelf maak ik al tientallen jaren gebruik van Haza 7.2 . Weliswaar is het een MS-DOS-programma, maar ik werk er al zo lang mee dat ik er volledig vertrouwd mee ben. En het werkt ook prima onder Windows 7. En ook daarin kun je je tekst-overzichten in het Fries uitdraaien.

zondag 27 februari 2011

internettips genealogie

Hallo mede-bloggers,

Zoals ik in mijn vorige blogstukje al vermeldde, ben ik sinds 1994 lid van de NGV (= Nederlandse Genealogische Vereniging). Ik doe al sinds 1986 aan stamboomonderzoek. Dat past wel bij mij, want dan ben ik bezig met nog meer geschiedenis. Vroeger moest je voor stamboomonderzoek daadwerkelijk naar het archief toe. Maar tegenwoordig zijn er royaal veel mogelijkheden op internet, zodat je thuis vanuit je luie stoel achter je pc gezeten je stamboom bijelkaar kunt zoeken. Daarom volgt nu een klein lijstje met internetadressen die van belang zijn voor stamboomonderzoek op internet.

www.historischcentrumleeuwarden.nl

www.tresoar.nl

www.allefriezen.nl

www.genlias.nl

www.cbg.nl

www.ngv.nl

De eerste van dit rijtje is de site van het vroegere gemeente-archief Leeuwarden, nu dus genaamd Historisch Centrum Leeuwarden. Hier kun je dus terecht voor stamboomonderzoek in Leeuwarden zelf.
De tweede site is die van Tresoar. Dat is een instantie die is ontstaan uit de fusie van de vroegere Provinciale Bibliotheek, het Rijksarchief voor Friesland, en het FLMD. Hier kun je dus terecht voor onderzoek naar je familie in de provincie Friesland. Hier kun je zoeken in de Burgerlijke Stand (geboorten, huwelijken en overlijdens) van alle gemeenten van Friesland sinds 1811, in alle doop-, trouw- en begraafregisters (DTB-registers) van voor 1811, en ook om te achterhalen of je achternaam werd vastgelegd in 1811 in opdracht van Napoleon. Daarnaast vind je nog meer informatie en doorkliklinks naar subsites van Tresoar waar je nog meer informatie kunt vinden. Bijvoorbeeld over soldaten die onder Napoleon hadden gevochten in Rusland in 1812.
Op de derde site kun je direct zoeken naar je voorouders in Friesland. Hierop vind je gegevens uit alle akten van de Burgerlijke Stand en uit de DTB-registers.

Mocht je voorouders hebben die van buiten Friesland afkomstig waren, dan is de vierde site heel handig. Genlias is een project van het Centraal Bureau voor Genealogie dat al circa 10 jaar loopt en nog steeds niet afgerond is. Het is de bedoeling dat als het hele project klaar is, dat dan de volledige Burgerlijke Stand van alle Nederlandse gemeenten daarin verwerkt zijn en voor iedereen toegankelijk zijn. Met 1 maar: Geboorte-akten lopen door tot 1902, huwelijksakten tot 1920 en overlijdensakten tot 1950. Dit om privacyproblemen tegen te gaan.

De vijfde site is die van het Centraal Bureau voor Genealogie (= CBG). Hier kun je veel informatie vinden over wat ze in hun collecties beschikbaar hebben. Vervolgens zul je naar Den Haag moeten reizen om daar het archief van het CBG te doorzoeken (al hebben ze tegenwoordig ook een virtuele studiezaal). Een reistip: neem de trein naar Den Haag CS. Dan hoef je alleen het station aan de zijkant uit te stappen, een weg over te steken en dan sta je al voor de hoofdingang van het CBG. Er naast staat een pand dat jullie bibliothecarissen waarschijnlijk heel goed kennen: dat is de Koninklijke Bibliotheek.

De zesde site is die van de NGV waar ik lid van ben. Die is in 1945 opgericht en geeft zijn eigen tijdschift uit met de titel: Gens Nostra. Daarin staan kwartierstaten en genealogie-en van allerlei families uit heel Nederland, plus literatuurverwijzingen naar boeken en andere genealogische tijdschriften waarin weer andere families worden gepubliceerd. De NGV bestaat uit een aantal regionale afdelingen, waaronder die van Friesland. Elke afdeling geeft zijn eigen afdelingsblad uit. Verder zijn er regelmatig afdelingsbijeenkomsten waar lezingen worden gehouden over regionale historische onderwerpen of families. Beslist interessant voor een geschiedenisfreak als ik.

Krijgen jullie al belangstelling om je eigen familiestamboom te gaan uitzoeken?

zondag 20 februari 2011

Het Sint Antoon te Sneek

Hallo belangstellenden,

Afgelopen zaterdag 19 februari 2011 ben ik naar een bijeenkomst van de NGV (= Nederlandse Genealogische Vereniging) geweest. Daar hield de bibliothecaresse van de bibliotheek van het Sint Antoon - mevrouw Pasma - een lezing over de geschiedenis van het bekende ziekenhuis in Sneek. Ze vertelde er veel over en illustreerde dat met oude foto's gepresenteerd in een eenvoudige maar mooie Power-point-presentatie.

Het Sint Antonius ziekenhuis verrees in 1903 in Sneek aan de Stationsstraat. Het werd gebouwd op voorstel van dokter G. Bouma en werd gefinancierd uit een erfenis, waarvan het geld eigenlijk bedoeld was voor de bouw van de toren voor de 19-e eeuwse Martinuskerk. De toren is er nog steeds niet gekomen. Maar het ziekenhuis wel. Dat vond men binnen de Rooms-Katholieke kerkeraad van Sneek van een dringender noodzaak dan het bouwen van een betrekkelijk nutteloze toren.
In 1903 werd het ziekenhuis in gebruik genomen. De verpleegsters waren nonnen, afkomstig van een orde in Maastricht. Het was dus een Rooms-Katholiek ziekenhuis. Er werden ook wel Protestantse patienten verzorgd, al zullen die wel vreemd hebben opgekeken als de verpleegsters bij het binnenkomen van de ziekenzaal telkens een kruis sloegen. De Protestanten in Sneek hebben ook geprobeerd een eigen ziekenhuis op poten te zetten, maar dat is niet gelukt. Uiteindelijk werd het ingezamelde geld besteed aan een verpleegtehuis naast en verbonden met het Sint Antoon. In 1968 werd het Sint Antoon een algemeen ziekenhuis en verviel het "sint". Tevens keerden toen de nonnen terug naar Maastricht.
Ondertussen werd het ziekenhuis aan de Stationsstraat te klein. Daarom werd er in 1991 aan de Bolswarderbaan een geheel nieuw en veel groter pand gebouwd. In 1994 verhuisde het Antoon naar het nieuwe pand. De panden op de oude lokatie werden gesloopt, waarna er in de jaren daarna op de leeggekomen plek een winkelcentrum verrees.

Aanvankelijk was de kraamkliniek elders in Sneek ondergebracht. Dat pand staat er nog steeds. Het is nu deel van de Openbare Bibliotheek van Sneek. Het was van 1886 tot 1935 de woning van de al eerder genoemde dokter G. Bouma. Er hangt een bruin informatiebord van de ANWB aan de gevel met tekst en uitleg. Wel curieus; enkele weken geleden was ik een middag in Sneek geweest. En toen ben ik ook langs de 18-e eeuwse gevel van de woning van dokter Bouma gewandeld. En vervolgens was ik langs het winkelcentrum gewandeld waar ooit het fraaie ziekenhuis met op de hoek het restaurant Piso heeft gestaan.

donderdag 10 februari 2011

internettip Tweede Wereldoorlog

Hallo mede-bloggers,

Nu heb ik voor jullie een internettip die misschien niet erg lekker aan zal komen.

www.waffen-ss.nl

Op deze site vind je veel informatie over de Nederlandsche SS. Er hadden zich in Nederland in totaal circa 22.000 vrijwilligers gemeld voor de strijd aan het oostfront. Dat waren er verontrustend veel. Ze hadden verschillende motieven voor hun foute keuze. Een aantal vrijwilligers meldden zich om het avontuur, een aantal anderen wilden weg uit de beklemmende Nederlandse sfeer, en een aantal anderen vonden de communisten een groot gevaar voor de West-Europese samenleving. Die laatsten waren natuurlijk be-invloed door de gebeurtenissen van november 1918. In mijn eerdere leestip over Troelstra's revolutie in november 1918 die niet doorging, vermeldde ik dit gegeven al. Zo ken ik een verhaal van een vader die nota bene zijn zoon dwong om zich te melden voor de strijd aan het oostfront. Je raadt het al: die is daar gesneuveld.
De Nederlandse vrijwilligers werden organisatorisch ondergebracht in de Wiking divisie, een in de strijd zeer geharde gevechtseenheid. De Duitse SS-commandant Felix Steiner was zeer positief over de gevechtskracht van de Nederlanders. In januari 1944 is die eenheid vrijwel gedecimeerd in de kesselschlacht rond de Oekraiense stad Tsjerkassy aan de Dnepr. Velen hebben het oostfront dus niet overleefd. Misschien maar goed ook. Ze zouden na de Tweede Wereldoorlog met de nek zijn aangekeken door de Nederlandse burger, die had moeten zuchten onder de Duitse bezetting tijdens de Hongerwinter. Maar hoe zullen die oostfront-veteranen zich hebben gevoeld toen vanaf 1948 de Koude Oorlog uitbrak? In dat jaar vond er een communistische (of Stalinistische?) staatsgreep plaats in Tsjecho-Slowakije en brak de crisis uit rond Berlijn. Toen ging het toch ook tegen de communisten? Net als ten tijde van Operatie Barbarossa in 1941?

Een andere interessante site is deze: http://deoorlog.nps.nl . Deze site hoort bij de TV-serie De Oorlog die enkele jaren geleden werd gepresenteerd door Rob Trip. Ik vond het een zeer interessante serie waarin het algemene beeld van de oorlog en bezetting flink genuanceerd werd, en waarin naast de gebruikelijke onderwerpen (bezetting, verzet, hongerwinter), ook heel andere onderwerpen werden belicht dan de gebruikelijke. Bijvoorbeeld dat de bezetting gedurende de eerste 3 jaren zeer licht was (een gigantisch verschil met de situatie in Polen), de economie die dan juist opbloeit dank zij opdrachten van het Duitse leger, de pogingen tot nazificering van de Nederlandse samenleving (we werden door de Duitsers gezien als een Germaans broedervolk, in tegenstelling tot de Polen) die faliekant mislukte, dat de Nederlandsche Unie helemaal niet zo'n club collaborateurs was, etc. Alleen jammer dat die serie zo kort was en uit te weinig afleveringen bestond, want sommige onderwerpen mochten wat mij betreft wel veel dieper worden uitgespit.

woensdag 2 februari 2011

Dagje Sneek


Hallo mede-bloggers,


Afgelopen zondag 30 januari 2011 ben ik een dag naar Sneek geweest. Daar heb ik in de binnenstad rondgewandeld en vele foto's gemaakt van de historische binnenstad en gebouwen. En onderwijl ben ik in het Fries Scheepvaartmuseum geweest, dat vanwege een verbouwing gratis toegankelijk was. Daarna wandelde ik verder rond in de Sneker binnenstad, langs de zeer bekende Waterpoort uit 1613 (zie de foto hiernaast), de Martinikerk uit de Middeleeuwen (gebouwd in de elfde eeuw op de terp, waar in later eeuwen de stad Sneek omheen verrees) en het stadhuis uit circa 1478 met de indrukwekkende rococo-gevel uit 1763, en het standbeeld van Pieter Sjooerds Gerbrandy, premier van de Nederlandse regering in ballingschap te Londen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na afloop dronk ik een kop koffie in restaurant Onder de Linden. Daarna wandelde ik langs de Openbare Bibliotheek van Sneek terug naar het station en nam de trein terug naar Leeuwarden, naar huis.