zondag 21 december 2014

Meer over de Blaak en de Gedempte Binnenrotte in Rotterdam

Hallo Blogvolgers,

Er valt veel meer te vertellen over de diverse panden die langs de Gedempte Binnenrotte en de Blaak staan. Niet alleen over de Markthal, waar ik in mijn vorige blogstukje van 14 december 2014 (hier direct onder) over vertelde.

Hieronder ziet u foto 1, die ik gemaakt heb in de zomer van 1993 (!), vanaf de bovenste etage van de Centrale Bibliotheek op de hoek van de Hoogstraat met de Gedempte Binnenrotte. Daarop ziet u langs de zuidkant van de Hoogstraat nog een rij panden staan. In de verte ziet u de Groene Theedoek, de grote kantoortoren met de groene glazen gevel. Officieel is dat het WTC, dat naast de beurs (herkenbaar aan het smalle torentje er naast) aan de Coolsingel staat. Op de voorgrond ziet u de Gedempte Binnenrotte, die zich uitstrekt tot aan de Blaak (links niet zichtbaar op de foto). Op het Luchtspoor (uit 1877) ziet u juist een trein voorbij denderen. Dat ging altijd gepaard met zeer veel geluidsoverlast. Ik ben blij dat ik toen in de zomer van 1993 deze foto heb gemaakt, want in september 1993 werd de Willemspoortunnel in gebruik genomen en werd daarna het bovengrondse spoorwegviaduct (in Rotterdam Luchtspoor genoemd) gesloopt. Ik heb al eerder over dit Luchtspoor geblogd, namelijk op 17 mei 2014, onder de titel: Het Nieuwe Rotterdam Centraal Station. De hier onder staande foto is dus een historische foto.


Op foto 2 hier onder ziet u dezelfde Gedempte Binnenrotte weer, maar dan 16 jaar later, in 2009. Nu was er wel ruimte voor de dagelijkse markt op de Gedempte Binnenrotte. Alleen ontbreekt nu het Luchtspoor. Het zorgt duidelijk voor meer ruimte op het plein. De spoorlijn loopt nu door de Willemspoortunnel, 10 meter diep onder de grond. Ook daar heb ik al eerder iets verteld, compleet met een foto van het NS-station Blaak, in een eerder blogstukje, namelijk dat van 5 oktober 2014 getiteld: Zomervakantie in Rotterdam. Verder ziet u dat de panden aan de zuidkant van de Hoogstraat zijn gesloopt. Dat was in verband met de aanstaande bouw van de Markthal. En opnieuw ziet u duidelijk in de verte weer de Groene Theedoek. En rechts daarvan ziet u de Sint Laurens Kerk met de toren in de steigers, bekleed met doeken waar de toren ook weer op staat afgebeeld. Rotterdam houdt zijn naam duidelijk hoog als werkstad.


Waar is de precieze plek van waar ik deze foto's heb gemaakt? Dat ziet u op foto 3 hieronder, ook uit 2009. Daar ziet u de Centrale Bibliotheek (uit 1983), ontworpen door het bekende Rotterdamse architectenbureau Van den Broek en Bakema. Dat bibliotheekgebouw ziet er aan de buitenkant uit als een waterval (het blauwe glas waaronder de roltrappen zijn geplaatst), over witte rotsen (het gebouw zelf, dus), met die gele buizen aan de buitenkant. Vandaar de bijnaam van dit pand: de Glazen Waterval. Overigens heeft het gebouw meer bijnamen: De IJstaart, de Gasfabriek, de Stofzuiger, de Centrale Verwarmingsketel, de Sneeuwberg, en de Buisbaby. Ik stond op de zesde etage helemaal bovenaan onder die Glazen Waterval. Van daaraf maakte ik mijn foto's (in 1993 en in 2009) van dit spectaculaire uitzicht over de Blaak en de Gedempte Binnenrotte. Daar staat op het raam een tekst die iedereen ter harte zou moeten nemen: Als dit Narvik was, zou ik beter kijken. Anders gezegd: pas als je in een andere stad in een ander land bent, ga je pas beter kijken; doe dat a.u.b. ook als je weer thuis bent in je eigen stad; ook daar valt meer te zien dan je aanvankelijk dacht.


Verder ziet u op de foto rechts naast de Centrale Bibliotheek de Blaaktoren (ook wel bekend als het Potlood) staan, met daarnaast in de verte de rode boog van de Willemsbrug en het Witte Huis. Naast de gebruikelijke collectie boeken voor de lezers, heeft de Centrale Bibliotheek natuurlijk een aparte collectie boeken en video's en DVD's specifiek over Rotterdam. Verder heeft de Centrale  Bibliotheek ook een aparte ruimte met daarin de Erasmuscollectie. Dat is de grootste collectie boeken ter wereld van en over de bekende Rotterdamse filosoof, theoloog en humanist Desiderius Erasmus (circa 1466 - 1536). Daarom staat op de voorgevel boven de ingang van de Centrale Bibliotheek een tekst van Erasmus: Heel de Wereld is mijn Vaderland.

zondag 14 december 2014

Nieuw: de Martkhal in Rotterdam

Hallo Bloglezers,

Eind oktober was ik voor de zoveelste keer weer een kort weekje in Rotterdam. Daar is op 1 oktober 2014 de nieuwe Markthal geopend. Die is ge-inspireerd op de markthallen zoals die in de Middeleeuwen in vele steden stonden en waar je in vroeger tijden dagelijks je verse voedsel kon kopen. Vanaf de opening van de Markthal in Rotterdam op 1 oktober 2014, werd de Markthal gelijk zeer druk bezocht door vele nieuwsgierigen. Niet alleen door Rotterdammers, maar ook door mensen van elders. Het is een enorm gebouw van 40 meter hoogte met in de overkoepelende zijwanden bijna 230 dure koopwoningen. Het enorme bouwwerk staat aan de Blaak, vrijwel recht tegenover de Centrale Bibliotheek (met zijn gele pijpen langs de buitenkant) op de hoek Hoogstraat-Blaak, en de flat bekend als het Potlood, en de bekende kubuswoningen. Die Centrale Bibliotheek kunt u goed weerspiegeld zien op foto 1. Op foto 2 ziet u een fraaie doorkijk door de hele Markthal vanaf het terras waar ik koffie heb gedronken, met buiten van links naar rechts een klein stukje van de Centrale Bibliotheek met zijn gele pijpen, het Potlood, en de kubuswoningen.
Onder de Markthal is een enorme parkeerkelder van 4 etages diep, bereikbaar per roltrap, die als bijnaam de Tijdtrap heeft gekregen. Die ziet u op foto 4. Op de zijkant van de roltrap ziet u een aantal jaartallen staan waarmee belangrijke gebeurtenissen uit de geschiedenis van Rotterdam werden gememoreerd. Voordat de bouw begon in oktober 2009, is er archeologisch onderzoek verricht en zijn er vele vondsten gedaan uit de Middeleeuwen. Om enigszins precies te zijn: uit de 14-e eeuw en - nog dieper - uit de 10-e eeuw. Een aantal van die vondsten zijn tentoongesteld in vitrines in de parkeerkelder, geplaatst rond de trappenhal.
En dan dat plafond! Spectaculair! Enkele delen ervan ziet u op de foto's 3 en 4 en 5. Op die laatste foto nummer 5 ziet u een scheefstaande toren. Dat is niet de Oldehove te Leeuwarden, maar de toren van de Sint Laurenskerk. Dat kunt u zien aan het wapen van Rotterdam boven de klok. En die koe op de voorgrond? Dat zal wel een echte Friese koe zijn. Overigens, op foto 1 ziet u links de Markthal met rechts ervan de Middeleeuwse Sint Laurenskerk met diezelfde toren.
Eind oktober waren er al circa een miljoen bezoekers binnen geweest. En het was er nog steeds zeer druk met kopers en bezoekers. Ik zag ook veel mensen met een fototoestel rondlopen en foto's maken. Ik heb er rondgewandeld, foto's gemaakt (ik was dus niet de enige), en gesmuld van een kop koffie met een chocoladetaartpunt. Hieronder staan een vijftal foto's die ik toen gemaakt heb.








Overigens heeft de markthal 1 nadeel: de klimaatbeheersing. In oktober 2014 was het nog warm in de Markthal; sommigen vonden het zelfs om te smoren. In november 2014 werd het koud en moesten er kachels op de terrassen worden geplaatst en in december 2014 was er sprake van dat er schuttingen moesten worden geplaatst in de markthal voor tegen de tocht. 

zondag 9 november 2014

Hier werd in Den Haag de contrarevolutie voorbereid en uitgevoerd


Hallo bloglezers,

Afgelopen zomer ben ik in juli 2014 vanuit Rotterdam een dagje uit naar Den Haag geweest. Daar blogde ik al eerder over op 5 oktober 2014 onder de titel Zomervakantie in Rotterdam. Daar in Den Haag maakte ik de 3 hier onder staande foto's: op foto 1 de Koninklijke Stallen gelegen achter het paleis Noordeinde (let op de vergulde paardekop in die halfronde timpaan), op foto 2 het Malieveld gelegen recht tegenover het NS-station Den Haag Centraal, en op foto 3 het paleis Noordeinde. Wilt u de foto's vergroot bekijken, klik er dan op om ze beter te bestuderen.




In november 1918 heerste er een nerveuze spanning in Rotterdam en Den Haag. De Grote Wereldoorlog voorbij de Nederlandse grenzen begon een opvallende wending te nemen: de Geallieerden - die overigens bij wijze van spreken op hun laatste tandvlees liepen - wisten eindelijk de eeuwige patstelling in de modderige loopgraven te doorbreken en de Duitsers terug te drijven. De 4 jaar durende slijtageslag begon zijn einde te naderen. De Duitsers besloten daarom, voordat de definitieve ondergang werkelijkheid werd, zich over te geven. Dat leidde tot de capitulatie in de bekende spoorwegwagon bij Compiegne op 11 november 1918. Daarover heb ik geblogd op 7 november 2012 onder de titel Dodenherdenking in november. Onderwijl vluchtte de Duitse Keizer ineens naar Nederland. Dat was een verrassende gebeurtenis, vergelijkbaar met een donderslag bij heldere hemel. Maar in werkelijkheid was dat vertrek al lang in het geheim voorbereid door generaal van Heutz. Jazeker, dat was inderdaad de voormalige gouverneur-generaal in Nederlandsch Indie die in Coevorden was geboren. Over hem had ik ook eerder geblogd, namelijk op 14 juni 2014 onder de titel Enkele maanden geleden: dag naar Coevorden.

Als indirect gevolg van de Grote Wereldoorlog was ook in het neutrale Nederland de situatie onaangenaam geworden. De economie had een paar flinke deuken opgelopen, de werkloosheid was gestegen, de armoede toegenomen, en er was een krakkemikkig distributiesysteem ingevoerd. Werkloze arbeiders en gemobiliseerde soldaten roerden zich. Er leek een revolutionair tij over Europa te spoelen - dat in de woorden van de leider van de SDAP Pieter Jelles Troelstra - geen halt leek te houden bij Zevenaar aan de Duitse grens. Het was duidelijk een rode week in Nederland. Pieter Jelles Troelstra hield revolutionaire toespraken in de Tweede Kamer. Dat zorgde voor grote schrik onder de politici van de confessionele partijen (de ARP, de CHU, en de KVP, die in 1980 zijn opgegaan in het CDA). Zij lieten antirevolutionaire pamfletten drukken en verspreiden. Daarnaast preekten en waarschuwden dominees en pastoors tegen de gevaren van uit de hand lopende revoluties en tegen het goddeloze communisme onder verwijzing naar de totaal uit de hand gelopen revolutie gevolgd door de bloedige burgeroorlog in Rusland onder Lenin en Trotski. Daar schreef ik al eerder iets over op mijn blog op 5 januari 2014 met als titel Bekende Russische stad in het nieuws.
Er waren ook conservatieve krachten binnen het Nederlandse leger. Zij besloten om tot actie over te gaan. Daarvoor werden soldaten ingezet, die - heel opvallend - over het algemeen afkomstig waren van het platteland; zij waren over het algemeen veel gezagsgetrouwer dan stedelijke dienstplichtige militairen, en ze waren trouw aan volk en vaderland en aan de koninklijke Oranje-familie. Dit in tegenstelling tot de soldaten die afkomstig waren uit de steden; die waren over het algemeen bevattelijk voor de socialistische of zelfs communistische ideologie. Daarnaast hadden de soldaten van het platteland ook ervaring in de omgang met paarden! Dat was een cruciaal aspect bij dit contrarevolutionaire complot! Zij werden in het geheim getraind en ge-oefend in het uitspannen van de paarden voor de koets en het trekken van diezelfde koets. Dat gebeurde in de Koninklijke Stallen die u op foto 1 ziet. Op 18 november 1918 hield Wilhelmina samen met haar dochter Juliana een rijtoer door de stad Den Haag. Bij het Malieveld (te zien op foto 2) aangekomen drong (zogenaamd) het volk (?) op, spande spontaan (?) de paarden uit en trok de koets verder, helemaal naar paleis Noordeinde (te zien op foto 3). Kortom: een grote Oranje-demonstratie. Maar - zoals u wel zult hebben begrepen - was het helemaal niet spontaan, maar zorgvuldig geregisseerd en was het uitspannen van de paarden al van te voren ge-oefend door de militaire vrijwilligers in de Koninklijke Stallen, gelegen achter Paleis Noordeinde! Zo werd de contrarevolutie voorbereid en uitgevoerd in die rode week gedurende november 1918.
Daarna verliep de revolutie en vertrok Troelstra volledig overspannen naar huis.

Ik heb hierover al 3 jaar geleden geblogd, namelijk op 13 januari 2011, onder de titel: Leestip over de revolutie die niet doorging. Daar vermeldde ik ook de volgende zeer informatieve boeken over die mislukte revolutiepoging in Nederland.  Dit zijn de titelgegevens:

Scheffer, H.J.
November 1918 : journaal van een revolutie die niet doorging / H.J. Scheffer . - Amsterdam : De Arbeiderspers , 1968 . - 312 p.

Wijne, J.S.
De Vergissing van Troelstra / Johan S. Wijne . - Hilversum : Verloren , 1999 . - 88 p. : ill. ; 17 x 20 cm. - (Verloren Verleden ; dl. 8) . - ISBN 90-6550-449-4

maandag 27 oktober 2014

Fossielen onder je voeten

Hallo bloglezers,

Ik denk dat het niemand opvalt. Het is inderdaad een detail waar niemand zomaar op zal letten. In veel oude binnensteden vind je veel grote grijsblauwe stenen die in gebruik zijn als stoep of stoeprand. Niet alleen in Amsterdam of andere oude Hollandse steden, maar ook in Leeuwarden. Drie jaar geleden las ik ergens op internet een artikel over dergelijke stoepstenen in Amsterdam. Daarin werd verteld dat je daarin heel veel fossielen in kunt zien zitten. Voor het overgrote deel zijn dat schelpen, in een kleiner aantal gevallen sponzen (zie foto 6 hieronder), of honingraat-koraal (zie foto's 2 en 4 hieronder) of andere zeedieren van honderden miljoenen jaren geleden. In de 17-e eeuw vonden de Amsterdamse kooplieden dergelijke Belgische blauwe hardsteen heel mooi en kochten ze dat om de toegang (de enkele of dubbele trappen, of de stoepen ter weerszijden van diezelfde trappen of voor hun voordeuren) van hun grachtenpand mee op te sieren. Als iemand die Amsterdammers toen zou hebben verteld dat die fraaie witte versieringen in die arduinsteen fossielen van circa 400 miljoen jaar oude zeedieren zijn, zouden ze dat niet geloven en verwijzen naar bisschop James Ussher (1581-1656) in Ierland. Die had na zorgvuldige bestudering van de Bijbel in 1650 nauwkeurig uitgerekend dat de Aarde in het jaar 4004 voor de geboorte van Jezus Christus was geschapen, en dat de Aarde dus bijna 5700 jaar oud was.
 Afgelopen zomer 2014 begon ik er zeer scherp op te letten op dergelijke blauwgrijze stenen in Leeuwarden. Want hier is die arduinsteen of Belgische blauwe hardsteen ook geliefd als bouwmateriaal. Tot op de dag van vandaag. Want als je over de Nieuwstad, de Voorstreek, de Eewal of de Over de Kelders of de Wirdumerdijk wandelt (allemaal opgeknapt in de jaren 90), zie je overal die langwerpige arduinstenen tussen straat en wandelgedeelte, met daarin herkenbaar zichtbaar de fossiele schelpen, sponzen en andere zeedieren. Die fossielen zijn ontstaan aan het eind van het Devoon en het begin van het Carboon. Het Laat-Devoon was een geologische periode die rond 416 miljoen jaar geleden begon en rond 359 miljoen jaar geleden eindigde. Gedurende dat tijdperk kropen de eerste planten vanuit de zee-en het land op. De wereldzee-en wemelden in dat geologische tijdperk van de schelpdieren en weekdieren. Nadat die dieren doodgingen, zakten de restanten naar de bodem, waar ze fossiliseerden. En waar vervolgens in de loop van miljoenen jaren nieuwe aardlagen op werden afgezet en samengeperst. Zo ontstond in de loop der miljoenen jaren de huidige bekende arduinsteen als afzettingsgesteente. Veel arduinsteen is afkomstig uit de Belgische Ardennen. Kortom: de Ardennen was in de verre prehistorie een zee geweest. Miljoenen jaren later, gedurende het dino-tijdperk zwommen daar de mosasaurussen rond, waarvan in de Sint Pietersberg bij Maastricht nog steeds fossielen worden gevonden. Maar die leefden dus veel later, tussen circa 200 miljoen en 65 miljoen jaar geleden. Naast de vele schelpdieren wemelden de wereldzee-en ook van de vissen en de eerste amfibie-en. En ook de eerste haaien. Toen zwommen de verre voorouders van Jaws ook al rond in de toenmalige wereldzee-en. Het tijdperk dat daarna kwam was het Carboon; dat begon 359 miljoen jaar geleden en duurde tot 299 miljoen jaar geleden. Gedurende die periode ontstonden er uitgestrekte bossen bestaande uit varens, paardestaarten en andere planten van reuzenformaat. Geen wonder dat in de loop der miljoenen jaren hieruit de steenkolenlagen zijn ontstaan die vooral in de eerste helft van de 20-ste eeuw grootschalig in Zuid-Limburg werden gedolven. Gedurende het Carboon kropen toen de eerste amfibie-en en reptielen aan land en ontstonden de eerste insecten, zoals o.a. de libellen. Alleen kon je die beter maar niet tegenkomen; ze hadden nog een reuzenformaat. Die libellen konden een vleugelspanwijdte halen van circa 70 centimeter. Hoe groot andere insecten uit die tijd konden worden is mij niet bekend. Maar het lijkt mij niet plezierig om muggen of wespen van een dergelijk reuzenformaat tegen te komen. Kortom: een geschikt idee voor een smakelijke horrorfilm. Om een indruk te krijgen van de grootte van zo'n beest, kunt u het beste rondkijken op de binnenplaats van het Leeuwarder Natuurmuseum; daar hangen een paar modellen van libellen van een formaat zoals ze waarschijnlijk in werkelijkheid tijdens het Carboon hebben rondgevlogen. En bekijk anders de hier onderstaande foto 1. Kunt u het zich al voorstellen dat u op een dag libellen van zo'n groot formaat langs uw raam ziet vliegen?






Het Carboon was ook het tijdperk waarin de eerste coelacanthen in de zee-en rondzwommen. Ze werden door geleerden in de 19-e en 20-ste eeuw als uitgestorven beschouwd, totdat er in 1938 en later in de jaren 50 ineens levende exemplaren in de Indische oceaan werden gevangen. In het Rijksmuseum voor Geologie en Mineralogie in Leiden (nu Naturalis) in Leiden heb ik in de jaren 80 een opgezet (!) exemplaar gezien.


Mochten mensen mij de afgelopen maanden met gebogen hoofd in de Leeuwarder binnenstad hebben zien rondlopen, dan kan ik ze geruststellen: ik was niet depressief, maar ik bestudeerde en fotografeerde die arduinstenen langs de trottoirs. Hieronder volgen een aantal foto's die ik de afgelopen zomer heb gemaakt van de arduinstenen in Leeuwarden. De fossiele schelpen herken je duidelijk op de hieronder staande 7 foto's (nrs 2 t/m 8), evenals het honingraat-koraal (foto 2 en 4) en de fossiele spons (foto 6).








O ja. Mocht je denken, waar blijven de dino's nou? Die bespreek ik hier niet, want die stammen uit een veel later geologisch tijdperk, namelijk het Trias, de Jura en het Krijt. Die prehistorische dieren ontstonden circa 230 miljoen jaar geleden aan het begin van het Trias. Circa 20 miljoen jaar eerder, dus ongeveer 250 miljoen jaar geleden, eindigde het Perm met een ramp. Welke? Een gigantische vulkaanuitbarsting in Siberie of Indie? Of een inslag van een komeet of planetoide? Dat weten we nog steeds niet precies. Maar wel dat daarna het Trias begon met het ontstaan van de eerder genoemde dino's. Momenteel loopt er een tentoonstelling in het Leeuwarder Natuurmuseum getiteld: Jurassic Leeuwarden 3, it's T-rex time! Op foto 9 ziet u de hoofdingang van het Leeuwarder Natuurmuseum. Tevens ziet u dat ze de waak-dino buitenhebben gezet, gelukkig wel aan de ketting. Hij staat links op de foto naast de trap (die ook weer van arduinsteen (!) is gemaakt). Deze tentoonstelling duurt tot en met 16 november 2014. In die tentoonstelling is - naast replica-skeletten van de Tyrannosauris Rex (tegenwoordig beter bekend als T-rex) - ook een skeletfragment van een Torvosaurus te bekijken. Die Torvosaurus is het acherneefje van de veel bekendere Tyrannosaurus Rex. Zoals bekend stierven de dinosauriers vervolgens uit als gevolg van weer een ramp, namelijk de inslag van een planetoide, ergens op het Mexicaanse schiereiland Yucatan 65 miljoen jaar geleden. Daarna kwamen de zoogdieren op, waaronder uiteindelijk de mens..


O ja. Dat internetartikel wat ik hierboven al memoreerde, is te vinden op dit adres: www.kennislink.nl . Het is te vinden door in het zoekscherm rechts bovenaan op die site in te tikken: fossielen tussen de hondenpoep. Of je typt de titel van dit artikel in in de Google zoekmachine, geplaatst tussen dubbele aanhalingstekens. Dan vind je het ook snel.

zaterdag 18 oktober 2014

Voor de zonsondergang

Hallo bloglezers,

Deze foto heb ik gemaakt op 13 oktober 2014 vanuit mijn flat. Het lijkt net alsof het daar in de verte regent, maar als u goed kijkt, ziet u dat het de stralen van de zon zijn die vanachter dat wolkendek komen en breed uitwaaieren. De foto was oorspronkelijk wat donkerder, waardoor het bijna een zeldzaam kleurloze zonsondergang in zwart-wit zou worden. Daarom heb ik hem digitaal wat bijgewerkt waardoor er iets meer kleur te zien is. Daardoor komen de lichtstralen beter uit. kleuren de weilanden wat meer groen, en zijn er in het wolkendek meer kleuraccenten tussen grijs en wit te zien. Zo ziet u maar weer: dicht bij huis is ook veel moois te zien en te fotograferen.



zondag 5 oktober 2014

Zomervakantie in Rotterdam

De vakantieperiode is ondertussen al lang voorbij. Toch wil ik er iets over vertellen. Deze zomer ben ik eind juli 2014 een week op vakantie geweest in Rotterdam. En net zoals in 2013 overnachtte ik in het tweede huisje van mijn ouders in Rotterdam-zuid. Vandaar uit heb ik diverse dagtochten gemaakt naar steden in de omgeving van Rotterdam.

De eerste stad waar ik naar toe ben geweest, was Delft. Dat stadje is natuurlijk bekend vanwege de Nieuwe Kerk met zijn koninklijke grafkelder, die u ziet op foto 1. Op de voorgrond ziet u de afgesloten toegang tot de koninklijke grafkelder en op de achtergrond het praalgraf van Willem van Oranje. Verder is ook de Oude Kerk met zijn 5 torentjes boven op de grote scheefstaande toren heel bekend. Die ziet u heel fotogeniek in beeld gebracht op foto 2. En natuurlijk is daar ook het Prinsenhof, waar Willem van Oranje in 1584 is vermoord door Balthasar Gerards. Op foto 3 ziet u de moordplek, waar - begeleid met een kort klank-en-lichtspel - werd weergegeven hoe de moord plaatsvond. Rechts op de muur ziet u nog altijd de kogelgaten, afgedekt met het glasplaatje, net als in de jaren 70. Toen ben ik daar ook al diverse keren geweest met mijn grootouders. Dat was natuurlijk makkelijk te bereizen vanuit Rotterdam. Tevens was dat was voor mij toen aanschouwelijk onderwijs ter plekke; een leuke aanvulling op de geschiedenisles zoals ik die kreeg op de lagere school in het verre Leeuwarden. Ondanks dat ik geen Oranje-fan ben, beschouw ik het museum de Prinsenhof als een belangrijke historische plek waar niet alleen alle Nederlanders eens naar toe moeten, maar ook alle allochtonen die willen inburgeren. Dan kunnen ze eens goed kennismaken met een belangrijk stukje Nederlandse geschiedenis. De tentoonstelling in het Prinsenhof laat zien hoe de 80-jarige oorlog begon met een opstand en vervolgens uit de hand liep tot een oorlog tussen 2 staten (Spanje tegen de noordelijke Nederlanden). Het was duidelijk een belangrijke gebeurtenis in de Nederlandse geschiedenis want daarmee ontstond het huidige Nederland.




De tweede stad waar ik naar toe ben geweest, was Den Haag. Deze keer had ik niet - zoals vroeger, toen ik nog jaarlijks bij mijn grootouders logeerde - de trein genomen, maar de metro. Beter te zeggen: de Randstadrail. Ik kon in Rotterdam zo per tram naar het metrostation Maashaven rijden en daar overstappen op de Randstadrail / metro. Die reed in een keer dwars door heel Rotterdam heen en sloot direct noordelijk van Rotterdam aan op het vroegere traject van de oude Hofpleinlijn. Zo arriveerde ik heel vlot op het NS-kopstation Den Haag Centraal. Van daaraf maakte ik een grote wandeling door Den Haag, bezocht tussendoor het Haags Gemeentemuseum (gesitueerd aan de oostkant van de Hofvijver), wandelde over het Binnenhof langs de parlementsgebouwen en de Ridderzaal, en liep daarna langs de westkant van de Hofvijver (waar ik foto 4 maakte) verder de binnenstad van Den Haag in. Zo passeerde ik het in een hoek van de Kneuterdijk weggepropte paleisje Kneuterdijk. Dat ziet u op foto 5. Als u dat ziet, snapt u waar de term kneuterig vandaan komt. Op een gevelsteen aan de zijkant las ik dat in 1848 in dit paleis Thorbecke en koning Willem II hun overleg hadden over de nieuwe grondwet. Met het uitkomen van de dikke biografie over koning Willem II eerder dit jaar, weten we nu ongeveer hoe dat overleg waarschijnlijk is verlopen. Vermoedelijk had Thorbecke zoiets als dit gezegd: Sire, hier tekenen. Anders maken we bekend dat u biseksueel bent. Tsjaa, zoiets lag in die tijd nog uiterst gevoelig.
Daarna ben ik doorgelopen naar paleis Noordeinde. Met Prinsjesdag op de derde dinsdag in september was dat paleis weer op tv te zien. Nu kijk ik daar dus anders tegenaan omdat ik er dit jaar voor gestaan heb. Vervolgens ben ik doorgelopen naar het museum Panorama Mesdag en heb ik het grote schilderij van de bekende schilder H.W. Mesdag en zijn collega's weer eens bekeken. In de jaren 70 ben ik daar ook al diverse keren geweest, toen ik jaarlijks bij mijn grootouders in Rotterdam logeerde. Tot slot wandelde ik door naar het Plein 1813 waar ik foto's maakte van het monument dat daar midden op de rotonde staat. Dat monument herinnert aan de belangrijkste gebeurtenis van dat jaar: de terugkeer van prins Willem van Oranje, de latere koning Willem I. Hij kreeg in later jaren de bijnaam Koning Koopman of de Kanalenkoning. Dit omdat hij op diverse manieren de economie van Nederland na de Franse tijd weer op gang probeerde te krijgen en te stimuleren. Daarna nam ik de bus terug naar het station gevolgd door de metro terug naar Rotterdam.



Op de derde dag ging ik Rotterdam in. Daar nam ik de tram naar de noordoever en maakte een grote wandeling door het centrum langs de bekende Rotterdamse boekhandel Donner (tegenwoordig gevestigd in het voormalige bankgebouw van de ABN-Amro aan de Coolsingel), over de Coolsingel, door de Meent, helemaal naar de Blaak. Daar maakte ik foto 6. Het is het circa 10 meter diep onder de grond gelegen NS-station Rotterdam-Blaak. Een gek idee: vanaf 1877 tot 1993 liep hier de spoorweg bovengronds over een viaduct dwars door de binnenstad, nu ligt die spoorlijn plus NS-station ondergronds. Daar heb ik eerder al een en ander over verteld in mijn blog van 17 mei 2014 onder de titel: Het nieuwe Rotterdamse Centraal Station. Op foto 6 ziet u trouwens meer: helemaal onder, tussen de trap en de roltrap door  ziet u de rails van de spoorlijn liggen. Maar boven die rails ziet u die wand met daarop in rood rond de deuren en in blauw rond de ramen een metrotrein geschilderd. Dat is de metrotunnel van de oost-westlijn. En bovengronds rijdt de tram voorbij (alleen niet op het moment dat ik deze foto nam).


Op de vierde dag maakte ik een treinreis naar Gorinchem. Voor iedere andere toerist een aardig Hollands stadje, gelegen aan de rivier de Merwede, waar veel oude panden met fraaie gevels te bewonderen zijn. De bekendste gevel is het pand "Dit is in Betlehem", dat u ziet op foto 7. Maar voor mij persoonlijk is Gorinchem de stad waar de voorouders van mijn moederskant vandaan zijn gekomen. Ik heb er het Gorcums Museum bezocht. Dat is gevestigd in het vroegere stadhuis. Er was een zeer interessante tentoonstelling te zien over de Heilige Martelaren van Gorcum; dat waren Rooms-Katholieke geestelijken en monniken die in 1572 door de Watergeuzen uit Gorcum waren ontvoerd naar Den Briel en daar werden getreiterd en gemarteld en uiteindelijk opgehangen in een schuur net buiten de stadswallen van Den Briel. Eerlijk beschouwd was dat geen fraai gebeuren: de Watergeuzen die ons aan het begin van de 80-jarige oorlog bevrijdden van het Spaanse juk, bleken wreedaards en beulen te zijn. Verder was er een zeer interessante tijdelijke tentoonstelling te zien over de belegering van Gorinchem in de winter van 1813-1814. Toen werd het stadje door het Pruisische leger omsingeld en vanaf de overkant van de Merwede met kanonnen beschoten en daarbij werd circa driekwart van alle huizen en panden in Gorinchem verwoest. Ik heb binnen mijn familie van mijn moederskant nooit iets hierover gehoord. Blijkbaar is dat binnen mijn familie in de vergetelheid verdwenen. Onderwijl maakte ik foto 8 vanuit het raam op de tweede etage van het museum. Daarop ziet u de Grote Markt voor het stadhuis met de Wilhelminafontein. Daarna maakte ik een grote wandeling door de binnenstad en keerde aan het eind van de dag per trein terug naar Rotterdam.



Op de vijfde dag nam ik de trein naar Breda. Daar wilde ik al jaren lang naar toe. Maar vanuit Leeuwarden is dat natuurlijk moeilijk te doen vanwege de zeer grote afstand. Maar vanuit Rotterdam-Lombardijen is het een klein wippie langs Dordrecht en over het circa 1,5 kilometer brede Hollands Diep.
In Breda het ik het Breda's Museum bezocht. Dat is een interessant museum over de geschiedenis van de stad Breda met natuurlijk extra veel aandacht voor de Nassau's, de list met het Turfschip van Breda in 1590, en overige gebeurtenissen tijdens de 80-jarige oorlog. Maar het meest interessante aspect voor mij echter was het gebouw zelf waarin dat museum is gevestigd: dat is de vroegere Chasse-kazerne, gebouwd in 1896. Daar is mijn opa van mijn moederskant gelegerd geweest in de periode 1916-1920. Die voormalige kazerne ziet u op foto 9.
Daarna wandelde ik door het centrum van Breda en bezocht ik de Grote of Onze Lieve VrouweKerk. Dat is een prachtig Middeleeuws gotisch kerkgebouw, gebouwd tussen 1410 en 1547 als Rooms-Katholieke kerk en die sinds 1637 Protestants is gemaakt. Vanaf de Grote Markt maakte ik foto 10 van de fraaie gotische kerk. In de kerk zelf zijn diverse praalgraven te bewonderen, waaronder de graven van de Nassau's. Vervolgens wandelde ik langs het kasteel van Breda - dat voor de 80-jarige oorlog het paleis van Willem van Oranje was, en waar sinds 1828 de KMA (= Koninklijke Militaire Academie) in is gevestigd - terug naar het station voor de terugreis.



Ik had nog veel meer kunnen vertellen over wat ik allemaal in deze vakantieweek heb gezien, maar dat doe ik later maar, in volgende blogstukjes. Anders wordt dit blogstuk veel te lang.

zondag 3 augustus 2014

Tentoonstelling over de Zijderoute in Amsterdam

Hallo bloglezers,

Het is al weer meer dan een maand geleden dat ik een dag in Amsterdam ben geweest. Daar wordt in het Museum de Hermitage aan de Amstel (zie foto 1 hieronder) een buitengewoon interessante tentoonstelling gehouden over de Zijderoute. Er werden allerlei archeologische vondsten tentoongesteld, die eind 19-e eeuw en begin 20-ste eeuw waren opgegraven door Russische archeologen op diverse plekken, steden en kloosters langs de Zijderoute. Op deze tentoonstelling werden vooral veel vondsten getoond die langs het oostelijke deel van de route (oases rond de Taklamakan-woestijn) en in Centraal-Azie (handelssteden in het huidige Oezbekistan, Turkmenistan, Kirgizistan) waren gevonden. De Zijderoute begon aanvankelijk rond 100 voor Christus als een handelsroute naar de (volgens de Chinezen) barbaarse stammen op de steppen noordelijk van de Chinese Muur. Later werd de route verder uitgebreid in westelijke richting, uiteindelijk helemaal tot in Byzantium, toen nog een stad in het Romeinse Rijk en na 476 AD de hoofdstad van het Oost-Romeinse Rijk. Overigens werd er niet alleen zijde langs die handelsroute vervoerd, maar ook kruiden en specerijen en allerlei andere interessante artikelen. En via diezelfde Zijderoute kreeg het Boeddhisme (ontstaan in India) ook bekendheid in oost en west. Daar is het Chinese verhaal van Koning Aap met zijn vrienden aan verbonden. Verder is de bekende Venetiaanse handelsreiziger Marco Polo (rond 1254 - 1324) in 1271 uit Venetia vertrokken en via de Zijderoute naar China gereisd en keerde hij in 1295 weer terug in zijn geboorteland. De Zijderoute heeft bestaan tot aan 1453, het jaar waarin Byzantium (ook wel Constantinopel genoemd) werd veroverd door de Turken die vervolgens de stad van naam veranderden in Istanboel. De Turken sloten de Zijderoute, waarna men in West-Europa gedwongen was om de wereld te gaan verkennen en de specerij-eilanden op te zoeken om de kruiden en specerijen zelf te gaan halen. Daarmee begon het tijdperk van de overzeese ontdekkingsreizen vanuit West-Europa.

Terwijl ik op de tentoonstelling de ene vitrine na de andere bekeek en het ene voorwerp na het andere voorwerp bestudeerde, kreeg ik het gevoel dat hier genoeg inspiratie lag tentoongesteld voor spectaculaire fantasyromans. Weidse grasvlaktes, hoge bergruggen, moordende woestijnen, gevaarlijke rovers, onneembare vestingen, exotische beschavingen, wrede heersers, onbekende steden, machtswellustige koningen, wonderbaarlijke religies. Kortom: indrukwekkend. Beslist een aanrader. De tentoonstelling in de Hermitage aan de Amstel duurt nog tot 5 september 2014.

Op foto 1 hieronder ziet u het weidse uitzicht over de Amstel, met rechts op de oostoever het grote bakstenen gebouw van de Hermitage aan de Amstel. Daar wappert de witte vlag vanuit de timpaan. Mocht u dat niet goed zien, klik dan op de foto voor een vergroting. Links op de foto ziet u het witte gebouw met rode bakstenen opbouw van de Stopera uit 1986, waarin het stadhuis van Amsterdam tezamen met het operagebouw in is ondergebracht.




Na afloop maakte ik een wandeling langs de Herengracht en fotografeerde ik diverse gevels van Amsterdamse grachtenpanden. Enkele van die 17-e en 18-e eeuwse panden aan de Herengracht ziet u op foto 2 en 3. Onderwijl bedacht ik dat dank zij het onderzoekswerk van Jan Huygen van Linschoten (1563-1611) die er gedurende de jaren 1590 in Portugese dienst achter was gekomen hoe men in Indie en vervolgens op de specerij-eilanden moest komen. Daarover schreef hij uitgebreid in zijn boek getiteld Itinerario, uitgegeven in 1596. Dank zij zijn onderzoek ontsloten de Hollandse handelslui en zeelui voor zichzelf de overzeese Zijderoute, al zullen de Hollanders zelf eerder hebben gesproken over de overzeese specerijenroute. En ook bij die overzeese specerijenroute gold: er werden meer goederen vervoerd: niet alleen kruiden en specerijen, maar onder andere ook porselein, Bengaals textiel, oftewel sits (wat sinds de 18-e eeuw vaak werd verwerkt in de Hindelooper (!) klederdracht), en inderdaad ook zijde.