Hallo Bloglezers,
Ik heb er zelf niets over in de pers gelezen. Jullie waarschijnlijk ook niet. Maar de afgelopen 23 mei 2014 was een historische dag voor Rotterdam. Op die dag was 76 jaar geleden een Oekraiener op de Coolsingel opgeblazen.
Toch is er wel enige informatie over te vinden. Ik heb er enkele maanden geleden iets over gelezen op de site van het Gemeente-archief Rotterdam, omdat het politierapport van het hele onderzoek werd vrijgegeven en gepubliceerd. En er valt ook een en ander over te lezen in de Wikipedia, maar verder moet je naar informatie over deze gebeurtenis zoeken.
Op 23 mei 1938 bevond zich een Oekraiense balling in het Atlanta-hotel, gesitueerd op de hoek van de Coolsingel met de Aert van Nesstraat in Rotterdam. Dat pand ziet u op de 2 foto's hierboven; de eerste genomen vanaf de overkant van de Coolsingel, de tweede vanaf de overkant van de Aert van Nesstraat, waarop de hoofdingang te zien is. Daar ontmoette de Oekraiener in de foyer van het hotel heel toevallig (?) iemand die zich aan hem voorstelde als een oude kennis. Het leidde tot een geanimeerd gesprek, waarna beiden weer uiteen gingen. Maar niet nadat de kennis een doos chocoladebonbons cadeau had gedaan aan de Oekraiense balling. Die was namelijk dol op chocolade.
Na deze ontmoeting ging de Oekraiener uit wandelen op de Coolsingel, waar het druk was vanwege het winkelende publiek. Ongeveer zo'n 100 a 200 meter van het hotel klonk er ineens een luide explosie, waarna de Oekraiener volledig in twee-en uiteengereten werd. Dat waren dus explosieve chocoladebonbons.
Op de toenmalige plek van de moord is tegenwoordig niets te zien dat aan de bomaanslag herinnert. Geen tegel met tekst dat er naar refereert, of wat dan ook. De panden zelf langs de Coolsingel zijn ondertussen door het bombardement van 14 mei 1940 weggevaagd. De plek zelf is ongeveer schuin tegenover het stadhuis van Rotterdam. Die plek is te zien op de 2 foto's hieronder. Op foto 3 is het plein te zien met op de achtergrond het nieuwe pand dat na de oorlog is verrezen met duidelijk zichtbaar de hoofdingang voor personeel voor de kantoren op de bovenste etages, met erboven het opschrift Coolsingel 75. Op foto 4 is hetzelfde plein weer te zien, maar dan met links het fietspad met ernaast de Coolsingel en met rechts op de begane grond een winkel van Zorgwerk. Als ik het goed heb, zat daar tot enkele jaren geleden de tweedehands boekenwinkel De Slegte. Anders zat die tweedehands boekenwinkel aan de andere kant van de personeelsingang. En in de verte tussen de boom en het witte pand is een klein stukje bruin van het bakstenen gebouw van Hotel Atlanta te zien.
De Rotterdamse politie was er op 23 mei 1938 snel bij, want het politiebureau stond er niet ver vandaan. Dat staat nog steeds schuin aan de overkant, een beetje achteraf naast het stadhuis aan de Coolsingel. Na een grondig en gedegen onderzoek werd vastgesteld dat de man Jewhen Konovalets heette, en dat hij in 1891 geboren was te Lviv (die stad heette vroeger Lvov of Lemberg), gelegen in westelijk Oekraine, en dat hij op de vlucht was voor spionnen van de NKVD (de voorganger van de later meer bekende KGB). Maar wie precies de moord had gepleegd, bleef tientallen jaren lang onbekend. Pas in 1994 (na de val van de Sovjet-Unie) deed een voormalige spion van de KGB een boekje open. Hij heette Pavel Soedoplatov (1907-1996) en had de opdracht om Konovalets te vermoorden van Stalin persoonlijk gekregen. Omdat hij die opdracht met zijn team succesvol had uitgevoerd, kreeg hij van Stalin een nieuwe moordopdracht: de moord op Trotsky. Die werd in 1940 vermoord in Mexico, door een Belg met een pikhouweel. Kortom: From Russia with Love. Het had de inspiratie kunnen zijn voor Ian Fleming, de schrijver van de James Bond-romans.
Wat was hier nu echt aan de hand? Stalin had met zijn landbouwbeleid begin jaren 30 in Oekraine een ramp gecre-eerd. De boeren werden gedwongen om toe te treden in de kolchoz-boerderijen, in de hoop op efficientere en grotere oogsten. Het pakte in de praktijk totaal verkeerd uit: de oogsten mislukten, waarna Stalin besloot om in ieder geval de oogsten in beslag te laten nemen voor de arbeiders in de steden en de boeren op het Oekraiense platteland te laten verrekken van de honger. Er zijn circa 5 miljoen Oekrainers door omgekomen. Die hongersnood wordt in Oekraine tegenwoordig de Holodomor genoemd en wordt sinds de jaren 90 ieder jaar herdacht. Die Holodomor is de reden voor heel veel woede onder Oekrainers tegen Stalin. Daar had ik vorig jaar op 1 juni 2013 al over geblogd in mijn blogstukje getiteld: Tentoonstelling de Sovjet-mythe in het Drents Museum te Assen, inclusief leestips. Daarin beschreef ik een schilderij met daarop weergegeven het oogstfeest op de kolchoz. Ik schreef daar toen al over dat dit schilderij een grote leugen was. Zo rijk waren de oogsten niet, en zo feestelijk ging het er dus helemaal niet aan toe.
Vanwege deze door Stalin veroorzaakte rampen, ontstond er een organisatie in Oekraine genaamd OUN, die zich al snel naar het buitenland verplaatste, en die ijverde voor afscheiding van Oekraiene uit het Sovjet-staatsverband. Dat kon Stalin natuurlijk niet tolereren. En dat was de reden voor de NKVD om Jewhen Konovalets op te sporen en te liquideren.
Na de moord op Konovalets zocht de OUN steeds meer naar steun in West-Europa. Die kreeg ze van Nazi-Duitsland. Op 22 juni 1941 ging Operatie Barbarossa van start en viel Nazi-Duitsland de Sovjet-Unie binnen en veroverde met succes grote delen van de Sovjet-Unie, waaronder ook vrijwel de hele Oekraiene. De Duitse troepen rukten op tot aan de oevers van de Wolga waar ze vastliepen in de ruines van het kapotgeschoten Stalingrad. Daarover blogde ik op 5 januari 2014 onder de titel: Bekende Russische stad in het nieuws. Onderwijl, overal waar de Duitse troepen oprukten in West-Oekraiene, werden ze ingehaald als bevrijders. Begrijpelijk, gezien de Stalinterreur, waaronder die mensen hebben geleden. Maar dat was geen reden voor veel Oekraieners om vervolgens in dienst van de Nazi's zo veel mogelijk Russen, Joden en Polen uit te moorden. Die Oekraieners van de OUN schijnen in totaal circa 100.000 Polen, Russen en Joden te hebben uitgemoord. Het is een kwalijk stuk geschiedenis dat tot op de dag van vandaag nooit verwerkt is geweest, na afloop van de Tweede Wereldoorlog.
Dit is de reden waarom Oekraine op dit moment een gespleten land is geworden. In West-Oekraine leven nog steeds veel Oekrainers (vooral de leden van het Rechts Blok en Svoboda) die de massamoordenaars van toen als helden vereren, waaronder een zekere Stepan Bandera (1909-1959, en afkomstig uit een dorp in de omgeving van Lemberg, en de beruchtste OUN-moordenaar). Een zeer kwalijke geschiedenis waarover wij in het Westen zo goed als niets in de kranten lezen of op tv in journaals zien. Het lijkt haast op censuur. In Oost-Oekraine leven vooral veel Russen die juist zwaar hebben geleden onder de terreur van de Nazi's en de Oekrainse OUN-moordenaars. Zij willen om voor de hand liggende redenen natuurlijk niks te maken hebben met de Westelijke Oekrainers, die ze aanzien voor Neo-Nazi's. Vandaar dat ze zich willen afscheiden uit Oekraine en zich bij Rusland willen voegen.
Ik schreef al eerder iets over deze kwestie op mijn blog, op 20 april 2014 onder de titel: Russische Sint Joris orde ineens opvallend actueel.
Het is duidelijk een stuk geschiedenis dat in het Westen nauwelijks bekend is. Heel jammer, want door dat gebrek aan feitenkennis wordt het gedrag van de Russen in Oostelijk Oekraine makkelijk verkeerd begrepen en verkeerd uitgelegd. Kortom: het is belangrijk om de historische feiten te kennen! Wie ze niet kent, is makkelijk te misleiden en voor te liegen! Dat wist de minister van propaganda van het Duitse Reich dr. Joseph Goebbels al.
zondag 25 mei 2014
zaterdag 17 mei 2014
Het nieuwe Rotterdam Centraal Station
Hallo bloglezers,
Begin mei 2014 ben ik weer in Rotterdam geweest. Natuurlijk reisde ik per trein en arriveerde ik dus op het Centraal Station van Rotterdam. Dat is juist volledig vernieuwd en in maart 2014 heropend door onze nieuwe koning Willem Alexander. Foto 1 heb ik vanuit de rijdende trein genomen richting station. Een spectaculair uitzicht, al is er van het nieuwe station zelf niks te zien op deze foto. Wel van diverse treinen op het rangeerterrein op de voorgrond, met op de achtergrond de bekende kantoortoren Delftse Poort van verzekeraar Nationale Nederlanden.
Maar op (ongeveer) diezelfde plek hebben 3 eerdere stations gestaan. In 1839 werd - zoals iedereen met geschiedenis leert - de allereerste spoorweg van Nederland geopend; die liep van Amsterdam naar Haarlem. In 1847 werd deze spoorweg doorgetrokken naar Leiden, Den Haag, Delft, Schiedam en Rotterdam. Die verlengde spoorlijn kwam in 1847 uit in een kopstation met de naam Rotterdam Delftsche Poort. Dat station was indertijd gesitueerd vlak bij het toen nog bestaande poortgebouw Delftsche Poort in het centrum van Rotterdam. Dat is nu een eindje oostelijk van het huidige Rotterdam Centraal Station. In 1868 werden plannen bekend gemaakt om de spoorlijn van Rotterdam verder door te trekken naar Dordrecht en vervolgens verder over het Hollandsch Diep naar Breda. Daarvoor bleek het (toen nog) bestaande kopstation Rotterdam DP (= Delftsche Poort) niet goed geplaatst te zijn. Daarom werd er vlak bij een volledig nieuw station gebouwd en in 1877 geopend. Dit was geen kopstation, maar een doorgaand station. Hier arriveerden vanuit het westen de treinen vanuit Den Haag en reden na een stop op het nieuwe Rotterdam DP door over het luchtspoor (zeg maar: spoorwegviaduct) dat in diezelfde periode 1870-1877 dwars door de stad was gebouwd, waarna de trein zijn reis vervolgde over de spoorbruggen over de Nieuwe Maas en de Koningshaven naar Dordrecht en verder. Dat nieuwe station Rotterdam DP heeft het bombardement ondanks enige schade overleefd. Toch werd het na de Tweede Wereldoorlog duidelijk dat er een nieuw station moest komen om de groeiende verkeersproblemen de baas te kunnen blijven.
Daarom werd in de loop van de jaren 50 direct westelijk van het oude Rotterdam DP een nieuw station gebouwd en werden de loop van verschillende andere spoorlijnen aangepast, zodat ze alsnog op het nieuwe Rotterdam Centraal Station aansloten, en niet langer op verschillende kleinere stations, verspreid over de stad (zoals Rotterdam Hofplein voor de trein naar Den Haag, of het Maasstation voor de trein naar Utrecht). Op 21 mei 1957 werd dit nieuwe station geopend als Rotterdam Centraal Station. Boven op de dakrand van dit toenmalig moderne stationsgebouw stond in grote letters de naam: Centraal Station.
Maar 10 jaar geleden werd duidelijk dat het personenvervoer per trein nog verder zal groeien en dat het bestaande station te klein werd. Daarom werden er plannen gemaakt voor een grote verbouwing van het station Rotterdam CS. In september 2007 werd het oude Rotterdam Centraal Station uit 1957 gesloten en werden de letters van de dakrand van het stationsgebouw verwijderd. Wel werd er nog enkele weken lang enkele letters in een andere combinatie teruggeplaatst als afscheidsgroet; ze vormden de woorden: TRAAN LATEN.
Maar denk maar niet dat het hele station op slot ging. Er werden op andere plekken naast de bouwplaats tijdelijke ingangen tot het station gerealiseerd met een grote nieuwe loopbrug naar de perrons, zodat de treinen gewoon konden blijven doorrijden. Je kon zelfs zien hoe het bouwproject vorderde in de loop der jaren. Op foto 2 is te zien hoe het station met de perrons en de overkapping met ondersteunende palen er tegenwoordig uit ziet.
In 2014 was het nieuwe Rotterdam Centraal Station voltooid en werd het op 13 maart 2014 feestelijk geopend door koning Willem Alexander. Op de zuidgevel staat weer de naam van het station (zoals op foto 3 is te zien), in dezelfde letters afkomstig van het oude station. En ook de klok is weer terug. Ook die is overgenomen van het vorige station.
Terwijl ik rondliep op het grote plein voor het station, maakte ik foto's van het plein en van het nieuwe stationsgebouw en van het er naast staande circa 151 meter hoge kantoorpand van de Friese architect uit Hardegarijp Abe Bonnema (1926-2001). Over hem heb ik eerder geblogd, namelijk op 13 februari 2014, over het Nieuwe Fries Museum. Terug naar Rotterdam. Dat kantoorpand van Abe Bonnema ziet u op foto 4. Dat is het kantoorpand van Nationale Nederlanden genaamd Delftse Poort. Curieus: de naam is nu overgegaan van het station naar dit kantoorpand. Het bestaat uit twee kantoortorens, de ene 151 meter hoog en de andere 93 meter hoog. Toen deze kantoortoren in 1991 in gebruik werd genomen was het het hoogste kantoorpand van Nederland. Nadien heeft Amsterdam geprobeerd Rotterdam te overtroeven met een hogere kantoortoren, maar daarna heeft Rotterdam de hoofdstad van Nederland alweer overtroefd met opnieuw het hoogste pand van Nederland, deze keer gebouwd op de zuidoever, vlak bij de Erasmusbrug en het nieuwe gerechtsgebouw. Het is de Maastoren. Deze kantoortoren is sinds zijn voltooiing in 2009 met 165 meter het hoogste gebouw van Nederland. Maar dat verder terzijde.
Het viel me ineens op dat er meer mensen op het stationsplein rondliepen en foto's maakten van het nieuwe stationsgebouw. Het wordt duidelijk gezien als een zeer fotogeniek gebouw.
Het nieuwe station heeft ondertussen al een bijnaam gekregen van de Rotterdammers: de haaiebek. Een andere bijnaam is: de patatzak.
P.s.: mochten jullie nu denken dat het bekende beeld van Zadkine (bijnaam: Jan gat) naar dit stationsplein zal worden verplaatst? Daar was laatst in Rotterdam ineens een discussie over ontstaan. Wel, die verplaatsing gaat niet door. Dat beeld staat al sinds jaar en dag aan het noordelijke eind van de Leuvehaven op het Plein 1940. En daar blijft het staan. Dat was in 1951 al de afspraak met de directie van de Bijenkorf. En daar zijn de Rotterdammers van nu het helemaal mee eens.
Begin mei 2014 ben ik weer in Rotterdam geweest. Natuurlijk reisde ik per trein en arriveerde ik dus op het Centraal Station van Rotterdam. Dat is juist volledig vernieuwd en in maart 2014 heropend door onze nieuwe koning Willem Alexander. Foto 1 heb ik vanuit de rijdende trein genomen richting station. Een spectaculair uitzicht, al is er van het nieuwe station zelf niks te zien op deze foto. Wel van diverse treinen op het rangeerterrein op de voorgrond, met op de achtergrond de bekende kantoortoren Delftse Poort van verzekeraar Nationale Nederlanden.
Maar op (ongeveer) diezelfde plek hebben 3 eerdere stations gestaan. In 1839 werd - zoals iedereen met geschiedenis leert - de allereerste spoorweg van Nederland geopend; die liep van Amsterdam naar Haarlem. In 1847 werd deze spoorweg doorgetrokken naar Leiden, Den Haag, Delft, Schiedam en Rotterdam. Die verlengde spoorlijn kwam in 1847 uit in een kopstation met de naam Rotterdam Delftsche Poort. Dat station was indertijd gesitueerd vlak bij het toen nog bestaande poortgebouw Delftsche Poort in het centrum van Rotterdam. Dat is nu een eindje oostelijk van het huidige Rotterdam Centraal Station. In 1868 werden plannen bekend gemaakt om de spoorlijn van Rotterdam verder door te trekken naar Dordrecht en vervolgens verder over het Hollandsch Diep naar Breda. Daarvoor bleek het (toen nog) bestaande kopstation Rotterdam DP (= Delftsche Poort) niet goed geplaatst te zijn. Daarom werd er vlak bij een volledig nieuw station gebouwd en in 1877 geopend. Dit was geen kopstation, maar een doorgaand station. Hier arriveerden vanuit het westen de treinen vanuit Den Haag en reden na een stop op het nieuwe Rotterdam DP door over het luchtspoor (zeg maar: spoorwegviaduct) dat in diezelfde periode 1870-1877 dwars door de stad was gebouwd, waarna de trein zijn reis vervolgde over de spoorbruggen over de Nieuwe Maas en de Koningshaven naar Dordrecht en verder. Dat nieuwe station Rotterdam DP heeft het bombardement ondanks enige schade overleefd. Toch werd het na de Tweede Wereldoorlog duidelijk dat er een nieuw station moest komen om de groeiende verkeersproblemen de baas te kunnen blijven.
Daarom werd in de loop van de jaren 50 direct westelijk van het oude Rotterdam DP een nieuw station gebouwd en werden de loop van verschillende andere spoorlijnen aangepast, zodat ze alsnog op het nieuwe Rotterdam Centraal Station aansloten, en niet langer op verschillende kleinere stations, verspreid over de stad (zoals Rotterdam Hofplein voor de trein naar Den Haag, of het Maasstation voor de trein naar Utrecht). Op 21 mei 1957 werd dit nieuwe station geopend als Rotterdam Centraal Station. Boven op de dakrand van dit toenmalig moderne stationsgebouw stond in grote letters de naam: Centraal Station.
Maar 10 jaar geleden werd duidelijk dat het personenvervoer per trein nog verder zal groeien en dat het bestaande station te klein werd. Daarom werden er plannen gemaakt voor een grote verbouwing van het station Rotterdam CS. In september 2007 werd het oude Rotterdam Centraal Station uit 1957 gesloten en werden de letters van de dakrand van het stationsgebouw verwijderd. Wel werd er nog enkele weken lang enkele letters in een andere combinatie teruggeplaatst als afscheidsgroet; ze vormden de woorden: TRAAN LATEN.
Maar denk maar niet dat het hele station op slot ging. Er werden op andere plekken naast de bouwplaats tijdelijke ingangen tot het station gerealiseerd met een grote nieuwe loopbrug naar de perrons, zodat de treinen gewoon konden blijven doorrijden. Je kon zelfs zien hoe het bouwproject vorderde in de loop der jaren. Op foto 2 is te zien hoe het station met de perrons en de overkapping met ondersteunende palen er tegenwoordig uit ziet.
In 2014 was het nieuwe Rotterdam Centraal Station voltooid en werd het op 13 maart 2014 feestelijk geopend door koning Willem Alexander. Op de zuidgevel staat weer de naam van het station (zoals op foto 3 is te zien), in dezelfde letters afkomstig van het oude station. En ook de klok is weer terug. Ook die is overgenomen van het vorige station.
Terwijl ik rondliep op het grote plein voor het station, maakte ik foto's van het plein en van het nieuwe stationsgebouw en van het er naast staande circa 151 meter hoge kantoorpand van de Friese architect uit Hardegarijp Abe Bonnema (1926-2001). Over hem heb ik eerder geblogd, namelijk op 13 februari 2014, over het Nieuwe Fries Museum. Terug naar Rotterdam. Dat kantoorpand van Abe Bonnema ziet u op foto 4. Dat is het kantoorpand van Nationale Nederlanden genaamd Delftse Poort. Curieus: de naam is nu overgegaan van het station naar dit kantoorpand. Het bestaat uit twee kantoortorens, de ene 151 meter hoog en de andere 93 meter hoog. Toen deze kantoortoren in 1991 in gebruik werd genomen was het het hoogste kantoorpand van Nederland. Nadien heeft Amsterdam geprobeerd Rotterdam te overtroeven met een hogere kantoortoren, maar daarna heeft Rotterdam de hoofdstad van Nederland alweer overtroefd met opnieuw het hoogste pand van Nederland, deze keer gebouwd op de zuidoever, vlak bij de Erasmusbrug en het nieuwe gerechtsgebouw. Het is de Maastoren. Deze kantoortoren is sinds zijn voltooiing in 2009 met 165 meter het hoogste gebouw van Nederland. Maar dat verder terzijde.
Het viel me ineens op dat er meer mensen op het stationsplein rondliepen en foto's maakten van het nieuwe stationsgebouw. Het wordt duidelijk gezien als een zeer fotogeniek gebouw.
Het nieuwe station heeft ondertussen al een bijnaam gekregen van de Rotterdammers: de haaiebek. Een andere bijnaam is: de patatzak.
P.s.: mochten jullie nu denken dat het bekende beeld van Zadkine (bijnaam: Jan gat) naar dit stationsplein zal worden verplaatst? Daar was laatst in Rotterdam ineens een discussie over ontstaan. Wel, die verplaatsing gaat niet door. Dat beeld staat al sinds jaar en dag aan het noordelijke eind van de Leuvehaven op het Plein 1940. En daar blijft het staan. Dat was in 1951 al de afspraak met de directie van de Bijenkorf. En daar zijn de Rotterdammers van nu het helemaal mee eens.
woensdag 7 mei 2014
Weer herdenking van het bombardement op Rotterdam van 14 mei 1940
Hallo Blogvolgers,
Zoals gebruikelijk hebben we in Nederland op 4 en 5 mei de traditionele nationale herdenkingen van de Tweede Wereldoorlog gehad. Ook in Rotterdam. Maar op 14 mei heeft Rotterdam zijn eigen stedelijke herdenking. Zoals bekend heeft dat alles te maken met het Duitse bombardement op 14 mei 1940, waarbij circa 850 doden vielen en rond 90.000 Rotterdammers dakloos werden. Dat is bijna net zoveel als de stad Leeuwarden aan inwoners heeft. Dat is op dit moment in 2014 rond 95.000 inwoners. Laat dat dus goed tot u doordringen.
Op de twee hierboven staande foto's ziet u de brandende stad Rotterdam. De eerste vanaf het Noordereiland waar u op de andere oever van de Nieuwe Maas de stad rond het Witte Huis (herkenbaar aan het grote reclamebord boven op het dak) ziet branden. En op de tweede foto vanaf een andere plek elders in Rotterdam, waar burgers machteloos vanaf het dak van hun woning toezien hoe het stadscentrum in vlammen opgaat. Die zullen niet bepaald vriendelijke gevoelens naar de Duitse militairen toe hebben gehad.
En die had de toenmalige burgemeester van Rotterdam P.J. Oud ook niet. Hij moest van de Duitsers direct na de overgave een proclamatie in de stad verspreiden waarin hij de burgers van Rotterdam moest vermelden dat de Duitsers als vrienden waren gekomen. Tegen die zin heeft burgemeester Oud nadrukkelijk geprotesteerd en daarom weggelaten. De Duitsers hebben dat maar zo gelaten, want ze begrepen ook wel dat een bombardement niet erg vriendschappelijk overkwam. Terwijl zij vonden dat die Hollanders toch echt een Germaans broedervolk waren. Maar ook dan maakte zo'n bombardement geen overtuigend vriendschappelijke, laat staan een broederlijke indruk.
Dat was blijkbaar heel anders in Amsterdam, waar gedurende die 5 dagen in mei 1940 vrijwel niet is gevochten en waar vrijwel geen enkele bom is gevallen. Daar werden de Duitse militairen bij hun intocht via de Berlagebrug op 15 mei 1940 (terwijl Rotterdam nog brandde!) blijkbaar enthousiast verwelkomd door de Amsterdamse bevolking, zoals te zien is op deze foto. Achteraf bleek dat het om Duitse staatsburgers waren die hun landgenoten enthousiast begroetten, of NSB-ers die hun ideologische meesters enthousiast binnenhaalden. Geen fraai gezicht dus. Maar door het niet vermelden van dergelijke feiten werden er door de Duitse censuur een wel zeer verkeerd beeld gecre-eerd. Een foto zoals deze zal in Rotterdam dan ook zeer onaangenaam zijn gevallen, vooral omdat men daar de achtergrond niet van kende.
Zoals gebruikelijk hebben we in Nederland op 4 en 5 mei de traditionele nationale herdenkingen van de Tweede Wereldoorlog gehad. Ook in Rotterdam. Maar op 14 mei heeft Rotterdam zijn eigen stedelijke herdenking. Zoals bekend heeft dat alles te maken met het Duitse bombardement op 14 mei 1940, waarbij circa 850 doden vielen en rond 90.000 Rotterdammers dakloos werden. Dat is bijna net zoveel als de stad Leeuwarden aan inwoners heeft. Dat is op dit moment in 2014 rond 95.000 inwoners. Laat dat dus goed tot u doordringen.
Op de twee hierboven staande foto's ziet u de brandende stad Rotterdam. De eerste vanaf het Noordereiland waar u op de andere oever van de Nieuwe Maas de stad rond het Witte Huis (herkenbaar aan het grote reclamebord boven op het dak) ziet branden. En op de tweede foto vanaf een andere plek elders in Rotterdam, waar burgers machteloos vanaf het dak van hun woning toezien hoe het stadscentrum in vlammen opgaat. Die zullen niet bepaald vriendelijke gevoelens naar de Duitse militairen toe hebben gehad.
En die had de toenmalige burgemeester van Rotterdam P.J. Oud ook niet. Hij moest van de Duitsers direct na de overgave een proclamatie in de stad verspreiden waarin hij de burgers van Rotterdam moest vermelden dat de Duitsers als vrienden waren gekomen. Tegen die zin heeft burgemeester Oud nadrukkelijk geprotesteerd en daarom weggelaten. De Duitsers hebben dat maar zo gelaten, want ze begrepen ook wel dat een bombardement niet erg vriendschappelijk overkwam. Terwijl zij vonden dat die Hollanders toch echt een Germaans broedervolk waren. Maar ook dan maakte zo'n bombardement geen overtuigend vriendschappelijke, laat staan een broederlijke indruk.
Dat was blijkbaar heel anders in Amsterdam, waar gedurende die 5 dagen in mei 1940 vrijwel niet is gevochten en waar vrijwel geen enkele bom is gevallen. Daar werden de Duitse militairen bij hun intocht via de Berlagebrug op 15 mei 1940 (terwijl Rotterdam nog brandde!) blijkbaar enthousiast verwelkomd door de Amsterdamse bevolking, zoals te zien is op deze foto. Achteraf bleek dat het om Duitse staatsburgers waren die hun landgenoten enthousiast begroetten, of NSB-ers die hun ideologische meesters enthousiast binnenhaalden. Geen fraai gezicht dus. Maar door het niet vermelden van dergelijke feiten werden er door de Duitse censuur een wel zeer verkeerd beeld gecre-eerd. Een foto zoals deze zal in Rotterdam dan ook zeer onaangenaam zijn gevallen, vooral omdat men daar de achtergrond niet van kende.
Labels:
Amsterdam,
Rotterdam,
tweede wereldoorlog
zondag 20 april 2014
Russische Sint Joris orde ineens opvallend actueel
Hallo ge-interesseerde bloglezers,
Op de foto hieronder ziet u een zilverkleurige medaille met oranje-zwart draaglint. Het is een goedkope en eenvoudig uitgevoerde copie van de Sint George orde, zoals die in de tsarentijd werd uitgereikt en gedragen. Deze copie had ik in 1992 gekocht als souvenir tijdens mijn vakantie in Rusland in dat jaar. In december 1991 was de Sovjet-Unie opgeheven en uiteengevallen en blijkbaar was er daarna een enorme interesse ontstaan in allerlei zaken en spullen en wetenswaardigheden van en over Rusland van voor de Russische Revolutie van 1917. In 1992 ging ik voor de tweede keer op vakantie naar Rusland. In 1987 was ik er ook al geweest, maar toen heette het nog Sovjet-Unie. Na de omwentelingen van 1989-1991 is er veel veranderd in oostelijk Europa. Het Oostblok is verdwenen, het Warschaupact is opgeheven, de Sovjet-Unie is uiteengevallen, en de Koude Oorlog is be-eindigd. Hoewel?
De orde van Sint George (of Sint Joris) is in 1769 ingesteld door tsarina Catharina II. Na de Russische Revolutie van oktober 1917 van Lenin en consorten (die altijd in november werd herdacht met parades op het Rode Plein), werden al die pre-revolutionaire ordes opgeheven. In 1943 - midden in de Tweede Wereldoorlog - vond Stalin het toch nodig om het moreel van zijn troepen wat op te vijzelen en onderscheidingen uit te reiken aan soldaten van het Rode Leger die zich heldhaftig hadden verweerd in de strijd tegen de Nazi-troepen van Hitler. Daarom stelde hij de orde van de Glorie in, bestaande uit een vijfpuntige ster met in het midden de Spasski-toren (de klokketoren in de Kremlinmuur in Moskou), hangend aan precies het zelfde draaglint als de medaille van de pre-revolutionaire orde van Sint George.
Op de foto ziet u het metalen kruis met in het midden in het cirkeltje Sint George (of Sint Joris) te paard die de draak verslaat. Zoals ik hierboven al zei, is dit een goedkope en simpele copie. Het origineel is inderdaad veel mooier en kleuriger. Dat kunt u goed zien in de wikipedia; daarvoor moet u zoeken op: orde van Sint George (Rusland). Sint George komt ook voor in het wapen van Moskou. Kortom, het is voor Rusland en de Russen een belangrijk symbool om te laten zien dat je Russisch bent. En anti-Nazi. Dat is nu ook te zien in de actuele ontwikkelingen in Oekraine. In het westen van Oekraine zijn de meeste bewoners niet zo pro-Russisch. Of ze wel zo blij zijn met dit nieuwe bewind, weet ik niet precies. In het oosten van Oekraine wonen veel Russen die juist absoluut niets van het nieuwe (in hun ogen volstrekt illegale en fascistische, lees Nazi-)bewind moeten hebben. En terecht, naar mijn mening. Daarom onderscheiden die Russen zich met Sint Joris linten. Dat zijn die linten met die 3 zwarte en 2 oranje strepen die je ook in het draaglint van de medaille op de foto ziet. De Russen in oostelijk Oekraine bevestigen ze aan hun kleding, in knoopsgaten of anderszins. Let er maar eens op. Het is voor de Russen in Oostelijk Oekraine niet alleen een pro-Russisch onderscheidingsteken maar ook een anti-Nazi-teken. Dit omdat het draaglint in de Tweede Wereldoorlog ook gebruikt werd voor de hierboven genoemde orde van de Glorie, waarover u ook informatie kunt vinden in de wikipedia; dan moet u zoeken op: orde van de Glorie (Sovjet-Unie). Zo ziet u maar weer: hier spelen er allerlei historische kwesties mee in actuele ontwikkelingen. En het helpt als je die kent en begrijpt. Anders snap je niks van al die reacties van plaatselijke bevolkingen en regeringen op de huidige actuele gebeurtenissen. En dan ben je - vanwege gebrek aan regionale kennis van zaken - makkelijk te misleiden met allerlei leugens en propaganda.
Op de foto hieronder ziet u een zilverkleurige medaille met oranje-zwart draaglint. Het is een goedkope en eenvoudig uitgevoerde copie van de Sint George orde, zoals die in de tsarentijd werd uitgereikt en gedragen. Deze copie had ik in 1992 gekocht als souvenir tijdens mijn vakantie in Rusland in dat jaar. In december 1991 was de Sovjet-Unie opgeheven en uiteengevallen en blijkbaar was er daarna een enorme interesse ontstaan in allerlei zaken en spullen en wetenswaardigheden van en over Rusland van voor de Russische Revolutie van 1917. In 1992 ging ik voor de tweede keer op vakantie naar Rusland. In 1987 was ik er ook al geweest, maar toen heette het nog Sovjet-Unie. Na de omwentelingen van 1989-1991 is er veel veranderd in oostelijk Europa. Het Oostblok is verdwenen, het Warschaupact is opgeheven, de Sovjet-Unie is uiteengevallen, en de Koude Oorlog is be-eindigd. Hoewel?
De orde van Sint George (of Sint Joris) is in 1769 ingesteld door tsarina Catharina II. Na de Russische Revolutie van oktober 1917 van Lenin en consorten (die altijd in november werd herdacht met parades op het Rode Plein), werden al die pre-revolutionaire ordes opgeheven. In 1943 - midden in de Tweede Wereldoorlog - vond Stalin het toch nodig om het moreel van zijn troepen wat op te vijzelen en onderscheidingen uit te reiken aan soldaten van het Rode Leger die zich heldhaftig hadden verweerd in de strijd tegen de Nazi-troepen van Hitler. Daarom stelde hij de orde van de Glorie in, bestaande uit een vijfpuntige ster met in het midden de Spasski-toren (de klokketoren in de Kremlinmuur in Moskou), hangend aan precies het zelfde draaglint als de medaille van de pre-revolutionaire orde van Sint George.
Op de foto ziet u het metalen kruis met in het midden in het cirkeltje Sint George (of Sint Joris) te paard die de draak verslaat. Zoals ik hierboven al zei, is dit een goedkope en simpele copie. Het origineel is inderdaad veel mooier en kleuriger. Dat kunt u goed zien in de wikipedia; daarvoor moet u zoeken op: orde van Sint George (Rusland). Sint George komt ook voor in het wapen van Moskou. Kortom, het is voor Rusland en de Russen een belangrijk symbool om te laten zien dat je Russisch bent. En anti-Nazi. Dat is nu ook te zien in de actuele ontwikkelingen in Oekraine. In het westen van Oekraine zijn de meeste bewoners niet zo pro-Russisch. Of ze wel zo blij zijn met dit nieuwe bewind, weet ik niet precies. In het oosten van Oekraine wonen veel Russen die juist absoluut niets van het nieuwe (in hun ogen volstrekt illegale en fascistische, lees Nazi-)bewind moeten hebben. En terecht, naar mijn mening. Daarom onderscheiden die Russen zich met Sint Joris linten. Dat zijn die linten met die 3 zwarte en 2 oranje strepen die je ook in het draaglint van de medaille op de foto ziet. De Russen in oostelijk Oekraine bevestigen ze aan hun kleding, in knoopsgaten of anderszins. Let er maar eens op. Het is voor de Russen in Oostelijk Oekraine niet alleen een pro-Russisch onderscheidingsteken maar ook een anti-Nazi-teken. Dit omdat het draaglint in de Tweede Wereldoorlog ook gebruikt werd voor de hierboven genoemde orde van de Glorie, waarover u ook informatie kunt vinden in de wikipedia; dan moet u zoeken op: orde van de Glorie (Sovjet-Unie). Zo ziet u maar weer: hier spelen er allerlei historische kwesties mee in actuele ontwikkelingen. En het helpt als je die kent en begrijpt. Anders snap je niks van al die reacties van plaatselijke bevolkingen en regeringen op de huidige actuele gebeurtenissen. En dan ben je - vanwege gebrek aan regionale kennis van zaken - makkelijk te misleiden met allerlei leugens en propaganda.
donderdag 17 april 2014
Lente met oranje populieren
Hallo bloglezers,
De lente is weer begonnen. Het weer wordt warm en aan de bomen lopen de knoppen weer uit. Zo ook bij de populieren langs de Planetenlaan in Leeuwarden. Ieder jaar vind ik het weer opmerkelijk: dan zien de bomen er een poosje oranje uit, inplaats van groen. Op de foto hieronder is dat heel goed te zien. Links is de rij oranje gekleurde populieren langs de Planetenlaan te zien en rechts enkele groene bomen en struiken op het terrein van Omrop Fryslan. Pas na een paar weken worden de jonge blaadjes aan de populieren alsnog groen.
De lente is weer begonnen. Het weer wordt warm en aan de bomen lopen de knoppen weer uit. Zo ook bij de populieren langs de Planetenlaan in Leeuwarden. Ieder jaar vind ik het weer opmerkelijk: dan zien de bomen er een poosje oranje uit, inplaats van groen. Op de foto hieronder is dat heel goed te zien. Links is de rij oranje gekleurde populieren langs de Planetenlaan te zien en rechts enkele groene bomen en struiken op het terrein van Omrop Fryslan. Pas na een paar weken worden de jonge blaadjes aan de populieren alsnog groen.
maandag 17 maart 2014
Bevrijdingsoffensief over Rotterdam op 31 maart 1943
Inderdaad blogvolgers, het is een wel zeer cynische titel van dit blogstukje, maar komende 31 maart zal er in Rotterdam aandacht worden geschonken aan de dramatische gebeurtenis die op 31 maart 1943 plaatsvond. Dat betrof een Amerikaans bombardement op de woonwijken van het Oude Westen van Rotterdam, tegenwoordig bekend als het Vergeten Bombardement. Daarbij vielen circa 400 doden en waren er rond 16.500 daklozen. Op de zwartwit-foto ziet u het resultaat van dit "bevrijdings"-offensief. Dat dit Geallieerde bombardement op zo'n drama was uitgelopen was te wijten aan verschillende factoren en omstandigheden. De belangrijkste was het weer. Er stond een stevige wind die de vallende bommen in de verkeerde richting dreef. Ze hadden op de meer westelijk gelegen scheepswerf van Wilton-Feyenoord (bij Schiedam) en op de oostelijk daarvan gelegen Merwedehaven moeten vallen. Over dit bombardement had ik al eerder iets verteld in mijn blogstukje van 20 oktober 2013 onder de titel Kort weekje in Rotterdam in september 2013.
De Duitse propaganda maakte van deze geallieerde misser natuurlijk enthousiast gebruik door de Geallieerden weg te zetten als oorlogsmisdadigers die geen enkel ontzag hadden voor onschuldige burgers en daarom woonwijken bombardeerden. Daarom verschenen overal in de stad en de rest van het land posters zoals de hieronder afgebeelde, zeer "sentimentele" poster van dat jochie en zijn moeder die geen antwoord kan geven omdat ze ligt dood te bloeden onder het puin. Veel Rotterdammers zullen dat Duitse propaganda-offensief in april 1943 ongetwijfeld zeer hypocriet hebben gevonden want zij herinnerden zich nog heel goed het Duitse bombardement van 3 jaar eerder, dat van 14 mei 1940. Dat was zeker bedoeld om de niet-aanwezige Engelse militairen uit Nederland te verjagen. Jaja.
Aan dit bombardement zat een voorgeschiedenis vast die niet erg bekend is. Op 14 en 15 januari 1943 vond een conferentie plaats in Casablanca. Daar waren prime minister Churchill en president Roosevelt bijeen gekomen met hun generaals om de militaire acties voor de rest van 1943 te bespreken en beslissingen daarover te nemen. Stalin kon niet komen omdat de slag om Stalingrad nog gaande was. Daarover heb ik kort geleden nog geblogd op 5 januari 2014 onder de titel: Bekende Russische stad in het nieuws. Die slag was begonnen op 23 augustus 1942 en duurde uiteindelijk tot 2 februari 1943, toen de conferentie van Casablanca al lang was afgelopen. Onderwijl verzocht Stalin de Westelijke Geallieerden dringend om het Tweede Front in het westen te openen. Hij hoopte dat dit verlichting zou geven voor zijn Sovjet-troepen aan het Oostfront, vooral die in de kapotgeschoten stad Stalingrad, waar ze een grimmig dodelijke strijd hadden geleverd met de Duitsers. Maar de Westelijke Geallieerden konden alleen maar vage beloften doen. Ze konden nog niets concreets realiseren. Uiteindelijk namen ze 6 besluiten. De belangrijkste was de voorbereiding voor een invasie op het Europese vasteland, meer dan een jaar later. Daarvoor moesten er enorme hoeveelheden wapens, tanks, kanonnen, munitie en vliegtuigen worden geproduceerd. Een groot deel daarvan moest in de USA worden gefabriceerd en met vrachtschepen in konvooien over de Atlantische Oceaan naar Groot-Brittannie worden vervoerd. Daarvoor was het belangrijk om de Duitse U-boten te vernietigen. Maar Stalin bleef zeuren om opening van een Tweede Front in het westen. Dat leidde tot een volgende belangrijke beslissing: een bombardementsoffensief tegen de Duitse industrie. De generaals dachten dat dat goedkoper was dan een daadwerkelijke aanval met soldaten. De herinnering aan de moordende gevechten in de modderige loopgraven gedurende de Eerste Wereldoorlog lag na 25 jaar nog steeds vers in het geheugen. Maar ze vonden wel dat het aanstaande bombardementsoffensief goed moest worden voorbereid en uitgevoerd.
Februari ging voorbij en er gebeurde nog steeds niet veel in het westen, op een bombardement reeds op 27 januari 1943 na, op de marinebasis in het aan de Noordzeekust gelegen Wilhelmshafen. Ondertussen waren de Duitsers in Stalingrad verslagen en had General-Feldmarschall Friedrich Paulus zich met de restanten van het 6-e Duitse leger overgegeven aan de Russen. Daardoor kregen de Russen het onaangename gevoel dat zij het leeuwedeel in de strijd tegen Nazi-Duitsland moesten leveren.
Na het zoveelste verzoek van Stalin om actie aan het Westfront, besloten de Westelijke Geallieerden tot een aanval met bommenwerpers op de haventerreinen tussen Rotterdam en Schiedam. Dat werd gedurende de maand maart diverse keren uitgevoerd. Maar na elke missie bleek er nauwelijks schade te zijn, zodat de bombardementsmissie nog diverse keren moest worden overgedaan. Ook op 31 maart 1943. De bombardementsmissie werd uitgevoerd door de Amerikanen. Het was toen al gebruikelijk dat bij aanvallen met bommenwerpers dat de Engelsen altijd 's nachts vlogen, terwijl de Amerikanen altijd overdag vlogen. Dus vloog op die 31-e maart 1943 de Amerikaanse 303-rd Bombardment group met B-17 bommenwerpers naar Rotterdam, maakten een paar bochten om recht voor hun doel - de fabriek van Wilton-Feyenoord bij Schiedam, waar torpedobuizen voor de Duitse marine werden geproduceerd - te komen en lieten de bommen los. Ze vergisten zich, want ze vlogen juist recht op de meer oostelijk gelegen Merwedehaven af. bovendien stond er een wind die de vallende bommen uit hun koers dreef, waardoor ze op de erachter liggende woonwijken van het Oude Westen van Rotterdam vielen, met de bekende, hierboven reeds beschreven gevolgen.
Omdat het een bombardement door de Geallieerden was uitgevoerd, werd het na de Tweede Wereldoorlog snel vergeten door de Rotterdammers. Men vond het toch wel genant ten opzichte van de Geallieerde bevrijders in mei 1945. Pas op 31 maart 1993 werd er een monument in het Park 1943 onthuld door de toenmalige premier Ruud Lubbers, dat aan dit vergeten bombardement herinnert.
Na de oorlog is de wijk gedeeltelijk herbouwd met typerende jaren-50 flats, rondom een marktplein. Die ziet u op foto 3. Als u zich voor een derde naar rechts draait, hebt u uitzicht op Park 1943. Daar stond in september 2013 het bord dat u op foto 4 ziet. Met zo'n tekst moet het voor iedereen duidelijk zijn dat daar tijdens de Tweede Wereldoorlog iets gebeurd is. Anders krijgt zo'n park en het podium niet zo'n naam. Op foto 5 ziet u de oostkant van het Park 1943 met rechts het bewuste podium 1943 en rechts de roestige ijzeren cijfers verspreid over het gras die gezamenlijk de datum vormen waarop het bewuste bombardement had plaatsgevonden. In mijn blogstukje van 20 oktober 2013 - wat ik hierbovenaan al aanhaalde - had ik al een foto van alleen dat monument geplaatst. Op foto 6 ziet u het uitzicht vanaf Podium 1943 in westelijke richting. In de verte ziet een een grote kinderspeelplaats waar veel kinderen onder toezicht van hun (vaak allochtone) moeders aan het spelen waren.
Overigens is Rotterdam gedurende de hele oorlog meer dan 100 keer gebombardeerd geweest, zo'n 10 keer door de Duitse Luftwaffe en voor de rest afwisselend door de RAF (=Royal Air Force) en de USAF (= United States Air Force). Maar geen van die andere bombardementen was zo omvangrijk en dramatisch als die twee bombardementen van 14 mei 1940 en 31 maart 1943. Daarmee is Rotterdam -samen met Den Helder - de meest gebombardeerde stad in Nederland geweest gedurende de hele Tweede Wereldoorlog.
Pas vanaf mei 1943 kwam het bombardementsoffensief echt goed op gang. Tevens waren de Geallieerden vanaf dan beter voorbereid. In de nacht van 16 op 17 mei 1943 voerde het 617-th squadron (nadien bekend geworden als The Dam Busters) onder bevel van Guy Gibson (1918-1944) een aanval uit op drie grote stuwdammen (de Mohnedam, de Eiderdam en de Sorpedam) in Duitsland met behulp van dansende bommen. Die waren ontwikkeld door ingenieur Barnes Wallis. Door die aanvallen liepen de stuwmeren leeg en werden vele dorpen en stadjes en meer dan 120 fabrieken weggespoeld, kwam een vliegveld volledig onder water te staan en stroomden een aantal steenkolenmijnen vol water. Er vielen rond 1300 doden, waarvan - wrang genoeg - bijna 800 dwangarbeiders. Nadien werd de ene Duitse stad na de andere systematisch gebombardeerd. Vaak werden er woonwijken geraakt. Dat werd heel neutraal klinkend aangeduid als collateral damage, in het Nederlands: bijkomende schade. Alleen was daar wel erg vaak sprake van. Geen wonder dat het aantal gedode burgers al snel in de duizenden liep. Als er fabrieken (vaak juist het hoofddoel) werden geraakt, werd dat als een meevaller beschouwd. Zo werd Hamburg van 24 juli 1943 tot en met 3 augustus 1943 aan een stuk door gebombardeerd. Daarbij ontstond er een vuurstorm, wat de verwoesting van Hamburg nog erger maakte. Het totaal aantal doden wordt op circa 42.000 geschat. Het bracht de bevelhebber van Bomber Command Arthur Harris (1892-1984) op een idee: vuurstormen over de Duitse steden cre-eeren om ze te verwoesten en het Duitse moreel te breken. Zo werden nog meer Duitse steden totaal verwoest en in de as gelegd met duizenden doden tot gevolg. Het dieptepunt werd bereikt met het beruchte bombardement op Dresden op 13 februari 1945 met circa 25.000 doden. Het moreel van de Duitse bevolking werd helemaal niet gebroken; alleen werd de woede met elk bombardement nog erger aangewakkerd.
Spreek maar rustig over Geallieerde oorlogsmisdaden. Geen wonder dat de Duitse Luftwaffe nooit is veroordeeld voor haar bombardementen op de Britse steden in 1940 en later, want dan hadden de RAF (= Royal Air Force) en de USAF (= United States Air Force) zich ook moeten verantwoorden. Anders werd er in 1946 te Neurenberg tijdens dat proces tegen de Nazi's veel te opzichtig met 2 maten gemeten.
Ondertussen was op 6 juni 1944 de langverwachte invasie op het Europese vasteland begonnen, waartoe op de conferentie in Casablanca was besloten. Daarmee begon het daadwerkelijke bevrijdingsoffensief op de grond, naast het reeds in maart 1943 gestarte bevrijdingsoffensief vanuit de lucht (wat meer op massavernietiging leek), waar eveneens op de conferentie in Casablanca toe was besloten.
En de Russen? Die bleven erbij dat de Westelijke Geallieerden zich er toch vrij goedkoop van afmaakten.
Desondanks bleek achteraf het bombardementsoffensief minder goedkoop te zijn dan de generaals vooraf hadden gedacht. Jachtvliegtuigen van de Duitse Luftwaffe en het Duitse Flak-geschut (Flak = FLieger Abwehr Kanone) wisten vele Geallieerde bommenwerpers naar beneden te schieten. Als gevolg daarvan was de sneuvelratio onder het Britse en Amerikaanse luchtmachtpersoneel nog hoger dan dat van de soldaten in de loopgraven aan het Westfront in de Eerste Wereldoorlog.
De Duitse propaganda maakte van deze geallieerde misser natuurlijk enthousiast gebruik door de Geallieerden weg te zetten als oorlogsmisdadigers die geen enkel ontzag hadden voor onschuldige burgers en daarom woonwijken bombardeerden. Daarom verschenen overal in de stad en de rest van het land posters zoals de hieronder afgebeelde, zeer "sentimentele" poster van dat jochie en zijn moeder die geen antwoord kan geven omdat ze ligt dood te bloeden onder het puin. Veel Rotterdammers zullen dat Duitse propaganda-offensief in april 1943 ongetwijfeld zeer hypocriet hebben gevonden want zij herinnerden zich nog heel goed het Duitse bombardement van 3 jaar eerder, dat van 14 mei 1940. Dat was zeker bedoeld om de niet-aanwezige Engelse militairen uit Nederland te verjagen. Jaja.
Aan dit bombardement zat een voorgeschiedenis vast die niet erg bekend is. Op 14 en 15 januari 1943 vond een conferentie plaats in Casablanca. Daar waren prime minister Churchill en president Roosevelt bijeen gekomen met hun generaals om de militaire acties voor de rest van 1943 te bespreken en beslissingen daarover te nemen. Stalin kon niet komen omdat de slag om Stalingrad nog gaande was. Daarover heb ik kort geleden nog geblogd op 5 januari 2014 onder de titel: Bekende Russische stad in het nieuws. Die slag was begonnen op 23 augustus 1942 en duurde uiteindelijk tot 2 februari 1943, toen de conferentie van Casablanca al lang was afgelopen. Onderwijl verzocht Stalin de Westelijke Geallieerden dringend om het Tweede Front in het westen te openen. Hij hoopte dat dit verlichting zou geven voor zijn Sovjet-troepen aan het Oostfront, vooral die in de kapotgeschoten stad Stalingrad, waar ze een grimmig dodelijke strijd hadden geleverd met de Duitsers. Maar de Westelijke Geallieerden konden alleen maar vage beloften doen. Ze konden nog niets concreets realiseren. Uiteindelijk namen ze 6 besluiten. De belangrijkste was de voorbereiding voor een invasie op het Europese vasteland, meer dan een jaar later. Daarvoor moesten er enorme hoeveelheden wapens, tanks, kanonnen, munitie en vliegtuigen worden geproduceerd. Een groot deel daarvan moest in de USA worden gefabriceerd en met vrachtschepen in konvooien over de Atlantische Oceaan naar Groot-Brittannie worden vervoerd. Daarvoor was het belangrijk om de Duitse U-boten te vernietigen. Maar Stalin bleef zeuren om opening van een Tweede Front in het westen. Dat leidde tot een volgende belangrijke beslissing: een bombardementsoffensief tegen de Duitse industrie. De generaals dachten dat dat goedkoper was dan een daadwerkelijke aanval met soldaten. De herinnering aan de moordende gevechten in de modderige loopgraven gedurende de Eerste Wereldoorlog lag na 25 jaar nog steeds vers in het geheugen. Maar ze vonden wel dat het aanstaande bombardementsoffensief goed moest worden voorbereid en uitgevoerd.
Februari ging voorbij en er gebeurde nog steeds niet veel in het westen, op een bombardement reeds op 27 januari 1943 na, op de marinebasis in het aan de Noordzeekust gelegen Wilhelmshafen. Ondertussen waren de Duitsers in Stalingrad verslagen en had General-Feldmarschall Friedrich Paulus zich met de restanten van het 6-e Duitse leger overgegeven aan de Russen. Daardoor kregen de Russen het onaangename gevoel dat zij het leeuwedeel in de strijd tegen Nazi-Duitsland moesten leveren.
Na het zoveelste verzoek van Stalin om actie aan het Westfront, besloten de Westelijke Geallieerden tot een aanval met bommenwerpers op de haventerreinen tussen Rotterdam en Schiedam. Dat werd gedurende de maand maart diverse keren uitgevoerd. Maar na elke missie bleek er nauwelijks schade te zijn, zodat de bombardementsmissie nog diverse keren moest worden overgedaan. Ook op 31 maart 1943. De bombardementsmissie werd uitgevoerd door de Amerikanen. Het was toen al gebruikelijk dat bij aanvallen met bommenwerpers dat de Engelsen altijd 's nachts vlogen, terwijl de Amerikanen altijd overdag vlogen. Dus vloog op die 31-e maart 1943 de Amerikaanse 303-rd Bombardment group met B-17 bommenwerpers naar Rotterdam, maakten een paar bochten om recht voor hun doel - de fabriek van Wilton-Feyenoord bij Schiedam, waar torpedobuizen voor de Duitse marine werden geproduceerd - te komen en lieten de bommen los. Ze vergisten zich, want ze vlogen juist recht op de meer oostelijk gelegen Merwedehaven af. bovendien stond er een wind die de vallende bommen uit hun koers dreef, waardoor ze op de erachter liggende woonwijken van het Oude Westen van Rotterdam vielen, met de bekende, hierboven reeds beschreven gevolgen.
Omdat het een bombardement door de Geallieerden was uitgevoerd, werd het na de Tweede Wereldoorlog snel vergeten door de Rotterdammers. Men vond het toch wel genant ten opzichte van de Geallieerde bevrijders in mei 1945. Pas op 31 maart 1993 werd er een monument in het Park 1943 onthuld door de toenmalige premier Ruud Lubbers, dat aan dit vergeten bombardement herinnert.
Na de oorlog is de wijk gedeeltelijk herbouwd met typerende jaren-50 flats, rondom een marktplein. Die ziet u op foto 3. Als u zich voor een derde naar rechts draait, hebt u uitzicht op Park 1943. Daar stond in september 2013 het bord dat u op foto 4 ziet. Met zo'n tekst moet het voor iedereen duidelijk zijn dat daar tijdens de Tweede Wereldoorlog iets gebeurd is. Anders krijgt zo'n park en het podium niet zo'n naam. Op foto 5 ziet u de oostkant van het Park 1943 met rechts het bewuste podium 1943 en rechts de roestige ijzeren cijfers verspreid over het gras die gezamenlijk de datum vormen waarop het bewuste bombardement had plaatsgevonden. In mijn blogstukje van 20 oktober 2013 - wat ik hierbovenaan al aanhaalde - had ik al een foto van alleen dat monument geplaatst. Op foto 6 ziet u het uitzicht vanaf Podium 1943 in westelijke richting. In de verte ziet een een grote kinderspeelplaats waar veel kinderen onder toezicht van hun (vaak allochtone) moeders aan het spelen waren.
Overigens is Rotterdam gedurende de hele oorlog meer dan 100 keer gebombardeerd geweest, zo'n 10 keer door de Duitse Luftwaffe en voor de rest afwisselend door de RAF (=Royal Air Force) en de USAF (= United States Air Force). Maar geen van die andere bombardementen was zo omvangrijk en dramatisch als die twee bombardementen van 14 mei 1940 en 31 maart 1943. Daarmee is Rotterdam -samen met Den Helder - de meest gebombardeerde stad in Nederland geweest gedurende de hele Tweede Wereldoorlog.
Pas vanaf mei 1943 kwam het bombardementsoffensief echt goed op gang. Tevens waren de Geallieerden vanaf dan beter voorbereid. In de nacht van 16 op 17 mei 1943 voerde het 617-th squadron (nadien bekend geworden als The Dam Busters) onder bevel van Guy Gibson (1918-1944) een aanval uit op drie grote stuwdammen (de Mohnedam, de Eiderdam en de Sorpedam) in Duitsland met behulp van dansende bommen. Die waren ontwikkeld door ingenieur Barnes Wallis. Door die aanvallen liepen de stuwmeren leeg en werden vele dorpen en stadjes en meer dan 120 fabrieken weggespoeld, kwam een vliegveld volledig onder water te staan en stroomden een aantal steenkolenmijnen vol water. Er vielen rond 1300 doden, waarvan - wrang genoeg - bijna 800 dwangarbeiders. Nadien werd de ene Duitse stad na de andere systematisch gebombardeerd. Vaak werden er woonwijken geraakt. Dat werd heel neutraal klinkend aangeduid als collateral damage, in het Nederlands: bijkomende schade. Alleen was daar wel erg vaak sprake van. Geen wonder dat het aantal gedode burgers al snel in de duizenden liep. Als er fabrieken (vaak juist het hoofddoel) werden geraakt, werd dat als een meevaller beschouwd. Zo werd Hamburg van 24 juli 1943 tot en met 3 augustus 1943 aan een stuk door gebombardeerd. Daarbij ontstond er een vuurstorm, wat de verwoesting van Hamburg nog erger maakte. Het totaal aantal doden wordt op circa 42.000 geschat. Het bracht de bevelhebber van Bomber Command Arthur Harris (1892-1984) op een idee: vuurstormen over de Duitse steden cre-eeren om ze te verwoesten en het Duitse moreel te breken. Zo werden nog meer Duitse steden totaal verwoest en in de as gelegd met duizenden doden tot gevolg. Het dieptepunt werd bereikt met het beruchte bombardement op Dresden op 13 februari 1945 met circa 25.000 doden. Het moreel van de Duitse bevolking werd helemaal niet gebroken; alleen werd de woede met elk bombardement nog erger aangewakkerd.
Spreek maar rustig over Geallieerde oorlogsmisdaden. Geen wonder dat de Duitse Luftwaffe nooit is veroordeeld voor haar bombardementen op de Britse steden in 1940 en later, want dan hadden de RAF (= Royal Air Force) en de USAF (= United States Air Force) zich ook moeten verantwoorden. Anders werd er in 1946 te Neurenberg tijdens dat proces tegen de Nazi's veel te opzichtig met 2 maten gemeten.
Ondertussen was op 6 juni 1944 de langverwachte invasie op het Europese vasteland begonnen, waartoe op de conferentie in Casablanca was besloten. Daarmee begon het daadwerkelijke bevrijdingsoffensief op de grond, naast het reeds in maart 1943 gestarte bevrijdingsoffensief vanuit de lucht (wat meer op massavernietiging leek), waar eveneens op de conferentie in Casablanca toe was besloten.
En de Russen? Die bleven erbij dat de Westelijke Geallieerden zich er toch vrij goedkoop van afmaakten.
Desondanks bleek achteraf het bombardementsoffensief minder goedkoop te zijn dan de generaals vooraf hadden gedacht. Jachtvliegtuigen van de Duitse Luftwaffe en het Duitse Flak-geschut (Flak = FLieger Abwehr Kanone) wisten vele Geallieerde bommenwerpers naar beneden te schieten. Als gevolg daarvan was de sneuvelratio onder het Britse en Amerikaanse luchtmachtpersoneel nog hoger dan dat van de soldaten in de loopgraven aan het Westfront in de Eerste Wereldoorlog.
zondag 9 maart 2014
Zondagmiddag in winderig Stavoren
Hallo ge-interesseerde blogvolgers,
Eind februari ben ik op een zonnige zondagmiddag per trein naar Stavoren gereisd. Na een korte wandeling rond de haven, stapte ik het restaurant het Havenhoofd binnen voor een lekkere kop koffie met gebak. Daar maakte ik foto 1. Daarop ziet u vanuit het restaurant de haven met aan de overkant de oranjekleurige huizen van het Hanzekwartier. Helemaal rechts, gedeeltelijk op de rand van de foto is de Visafslag te zien. En inderdaad, in dat restaurant stonden op plankjes voor de ramen verschillende scheepsmodellen.
Ik ben al eens eerder in Stavoren geweest. Daarover heb ik tot nu toe 2 keer over geblogd, namelijk op 8 april 2010 onder de titel: tip voor Stavoren: standbeeld van Sint Odulpus, en op 20 oktober 2011 onder de titel: Een koude middag in Stavoren. In beide blogstukjes vertel ik tamelijk uitgebreid over de geschiedenis van Stavoren. Dat doe ik in dit blogbericht maar niet.
Daarna begon ik aan mijn wandeling in het stadje Stavoren. Eerst liep ik langs de haven waar ik het beeld van het Vrouwtje van Stavoren fotografeerde; zie foto 2. Daarna liep ik door naar de Visafslag vanwaar ik foto's maakte van het uitzicht op de haven van Stavoren en van het uitzicht over de Zuiderzee, ehh, het IJsselmeer. Daarna wandelde ik op mijn gemak over de dijk en langs de 4 Wachters (8 woningen in de vorm van torens met per toren 2 woningen onder 1 kap, te zien in de verte op foto 4) naar het andere eind van Stavoren, bij het Johan Friso sluizencomplex uit 1966 met ernaast het J.L. Hooglandgemaal, eveneens uit 1966. Dat ziet u op foto 3.
Daarna liep ik de strekdam op tot aan het eind. Van daaraf had ik een prachtig uitzicht over het IJsselmeer en op het stadje Stavoren met diverse gebouwen en torens die boven de dijk uitstaken, zoals te zien op foto 4. Er stond vanaf zee een zeer sterke wind. Maar verder was het prachtig helder en zonnig weer. In het westen kon je de windmolens in Noord-Holland bij Medemblik zien staan. Of was het Enkhuizen? Daar maakte ik foto 5.
Daarna liep ik weer terug naar de kust, daalde de dijk af en wandelde langs de Voorstraat (waar ik foto 6 maakte) en door de Burgemeester Albertsstraat en de Schans terug naar het station waar ik de trein terug naar huis nam.
Eind februari ben ik op een zonnige zondagmiddag per trein naar Stavoren gereisd. Na een korte wandeling rond de haven, stapte ik het restaurant het Havenhoofd binnen voor een lekkere kop koffie met gebak. Daar maakte ik foto 1. Daarop ziet u vanuit het restaurant de haven met aan de overkant de oranjekleurige huizen van het Hanzekwartier. Helemaal rechts, gedeeltelijk op de rand van de foto is de Visafslag te zien. En inderdaad, in dat restaurant stonden op plankjes voor de ramen verschillende scheepsmodellen.
Ik ben al eens eerder in Stavoren geweest. Daarover heb ik tot nu toe 2 keer over geblogd, namelijk op 8 april 2010 onder de titel: tip voor Stavoren: standbeeld van Sint Odulpus, en op 20 oktober 2011 onder de titel: Een koude middag in Stavoren. In beide blogstukjes vertel ik tamelijk uitgebreid over de geschiedenis van Stavoren. Dat doe ik in dit blogbericht maar niet.
Daarna begon ik aan mijn wandeling in het stadje Stavoren. Eerst liep ik langs de haven waar ik het beeld van het Vrouwtje van Stavoren fotografeerde; zie foto 2. Daarna liep ik door naar de Visafslag vanwaar ik foto's maakte van het uitzicht op de haven van Stavoren en van het uitzicht over de Zuiderzee, ehh, het IJsselmeer. Daarna wandelde ik op mijn gemak over de dijk en langs de 4 Wachters (8 woningen in de vorm van torens met per toren 2 woningen onder 1 kap, te zien in de verte op foto 4) naar het andere eind van Stavoren, bij het Johan Friso sluizencomplex uit 1966 met ernaast het J.L. Hooglandgemaal, eveneens uit 1966. Dat ziet u op foto 3.
Daarna liep ik de strekdam op tot aan het eind. Van daaraf had ik een prachtig uitzicht over het IJsselmeer en op het stadje Stavoren met diverse gebouwen en torens die boven de dijk uitstaken, zoals te zien op foto 4. Er stond vanaf zee een zeer sterke wind. Maar verder was het prachtig helder en zonnig weer. In het westen kon je de windmolens in Noord-Holland bij Medemblik zien staan. Of was het Enkhuizen? Daar maakte ik foto 5.
Daarna liep ik weer terug naar de kust, daalde de dijk af en wandelde langs de Voorstraat (waar ik foto 6 maakte) en door de Burgemeester Albertsstraat en de Schans terug naar het station waar ik de trein terug naar huis nam.
Abonneren op:
Posts (Atom)








