zondag 5 oktober 2014

Zomervakantie in Rotterdam

De vakantieperiode is ondertussen al lang voorbij. Toch wil ik er iets over vertellen. Deze zomer ben ik eind juli 2014 een week op vakantie geweest in Rotterdam. En net zoals in 2013 overnachtte ik in het tweede huisje van mijn ouders in Rotterdam-zuid. Vandaar uit heb ik diverse dagtochten gemaakt naar steden in de omgeving van Rotterdam.

De eerste stad waar ik naar toe ben geweest, was Delft. Dat stadje is natuurlijk bekend vanwege de Nieuwe Kerk met zijn koninklijke grafkelder, die u ziet op foto 1. Op de voorgrond ziet u de afgesloten toegang tot de koninklijke grafkelder en op de achtergrond het praalgraf van Willem van Oranje. Verder is ook de Oude Kerk met zijn 5 torentjes boven op de grote scheefstaande toren heel bekend. Die ziet u heel fotogeniek in beeld gebracht op foto 2. En natuurlijk is daar ook het Prinsenhof, waar Willem van Oranje in 1584 is vermoord door Balthasar Gerards. Op foto 3 ziet u de moordplek, waar - begeleid met een kort klank-en-lichtspel - werd weergegeven hoe de moord plaatsvond. Rechts op de muur ziet u nog altijd de kogelgaten, afgedekt met het glasplaatje, net als in de jaren 70. Toen ben ik daar ook al diverse keren geweest met mijn grootouders. Dat was natuurlijk makkelijk te bereizen vanuit Rotterdam. Tevens was dat was voor mij toen aanschouwelijk onderwijs ter plekke; een leuke aanvulling op de geschiedenisles zoals ik die kreeg op de lagere school in het verre Leeuwarden. Ondanks dat ik geen Oranje-fan ben, beschouw ik het museum de Prinsenhof als een belangrijke historische plek waar niet alleen alle Nederlanders eens naar toe moeten, maar ook alle allochtonen die willen inburgeren. Dan kunnen ze eens goed kennismaken met een belangrijk stukje Nederlandse geschiedenis. De tentoonstelling in het Prinsenhof laat zien hoe de 80-jarige oorlog begon met een opstand en vervolgens uit de hand liep tot een oorlog tussen 2 staten (Spanje tegen de noordelijke Nederlanden). Het was duidelijk een belangrijke gebeurtenis in de Nederlandse geschiedenis want daarmee ontstond het huidige Nederland.




De tweede stad waar ik naar toe ben geweest, was Den Haag. Deze keer had ik niet - zoals vroeger, toen ik nog jaarlijks bij mijn grootouders logeerde - de trein genomen, maar de metro. Beter te zeggen: de Randstadrail. Ik kon in Rotterdam zo per tram naar het metrostation Maashaven rijden en daar overstappen op de Randstadrail / metro. Die reed in een keer dwars door heel Rotterdam heen en sloot direct noordelijk van Rotterdam aan op het vroegere traject van de oude Hofpleinlijn. Zo arriveerde ik heel vlot op het NS-kopstation Den Haag Centraal. Van daaraf maakte ik een grote wandeling door Den Haag, bezocht tussendoor het Haags Gemeentemuseum (gesitueerd aan de oostkant van de Hofvijver), wandelde over het Binnenhof langs de parlementsgebouwen en de Ridderzaal, en liep daarna langs de westkant van de Hofvijver (waar ik foto 4 maakte) verder de binnenstad van Den Haag in. Zo passeerde ik het in een hoek van de Kneuterdijk weggepropte paleisje Kneuterdijk. Dat ziet u op foto 5. Als u dat ziet, snapt u waar de term kneuterig vandaan komt. Op een gevelsteen aan de zijkant las ik dat in 1848 in dit paleis Thorbecke en koning Willem II hun overleg hadden over de nieuwe grondwet. Met het uitkomen van de dikke biografie over koning Willem II eerder dit jaar, weten we nu ongeveer hoe dat overleg waarschijnlijk is verlopen. Vermoedelijk had Thorbecke zoiets als dit gezegd: Sire, hier tekenen. Anders maken we bekend dat u biseksueel bent. Tsjaa, zoiets lag in die tijd nog uiterst gevoelig.
Daarna ben ik doorgelopen naar paleis Noordeinde. Met Prinsjesdag op de derde dinsdag in september was dat paleis weer op tv te zien. Nu kijk ik daar dus anders tegenaan omdat ik er dit jaar voor gestaan heb. Vervolgens ben ik doorgelopen naar het museum Panorama Mesdag en heb ik het grote schilderij van de bekende schilder H.W. Mesdag en zijn collega's weer eens bekeken. In de jaren 70 ben ik daar ook al diverse keren geweest, toen ik jaarlijks bij mijn grootouders in Rotterdam logeerde. Tot slot wandelde ik door naar het Plein 1813 waar ik foto's maakte van het monument dat daar midden op de rotonde staat. Dat monument herinnert aan de belangrijkste gebeurtenis van dat jaar: de terugkeer van prins Willem van Oranje, de latere koning Willem I. Hij kreeg in later jaren de bijnaam Koning Koopman of de Kanalenkoning. Dit omdat hij op diverse manieren de economie van Nederland na de Franse tijd weer op gang probeerde te krijgen en te stimuleren. Daarna nam ik de bus terug naar het station gevolgd door de metro terug naar Rotterdam.



Op de derde dag ging ik Rotterdam in. Daar nam ik de tram naar de noordoever en maakte een grote wandeling door het centrum langs de bekende Rotterdamse boekhandel Donner (tegenwoordig gevestigd in het voormalige bankgebouw van de ABN-Amro aan de Coolsingel), over de Coolsingel, door de Meent, helemaal naar de Blaak. Daar maakte ik foto 6. Het is het circa 10 meter diep onder de grond gelegen NS-station Rotterdam-Blaak. Een gek idee: vanaf 1877 tot 1993 liep hier de spoorweg bovengronds over een viaduct dwars door de binnenstad, nu ligt die spoorlijn plus NS-station ondergronds. Daar heb ik eerder al een en ander over verteld in mijn blog van 17 mei 2014 onder de titel: Het nieuwe Rotterdamse Centraal Station. Op foto 6 ziet u trouwens meer: helemaal onder, tussen de trap en de roltrap door  ziet u de rails van de spoorlijn liggen. Maar boven die rails ziet u die wand met daarop in rood rond de deuren en in blauw rond de ramen een metrotrein geschilderd. Dat is de metrotunnel van de oost-westlijn. En bovengronds rijdt de tram voorbij (alleen niet op het moment dat ik deze foto nam).


Op de vierde dag maakte ik een treinreis naar Gorinchem. Voor iedere andere toerist een aardig Hollands stadje, gelegen aan de rivier de Merwede, waar veel oude panden met fraaie gevels te bewonderen zijn. De bekendste gevel is het pand "Dit is in Betlehem", dat u ziet op foto 7. Maar voor mij persoonlijk is Gorinchem de stad waar de voorouders van mijn moederskant vandaan zijn gekomen. Ik heb er het Gorcums Museum bezocht. Dat is gevestigd in het vroegere stadhuis. Er was een zeer interessante tentoonstelling te zien over de Heilige Martelaren van Gorcum; dat waren Rooms-Katholieke geestelijken en monniken die in 1572 door de Watergeuzen uit Gorcum waren ontvoerd naar Den Briel en daar werden getreiterd en gemarteld en uiteindelijk opgehangen in een schuur net buiten de stadswallen van Den Briel. Eerlijk beschouwd was dat geen fraai gebeuren: de Watergeuzen die ons aan het begin van de 80-jarige oorlog bevrijdden van het Spaanse juk, bleken wreedaards en beulen te zijn. Verder was er een zeer interessante tijdelijke tentoonstelling te zien over de belegering van Gorinchem in de winter van 1813-1814. Toen werd het stadje door het Pruisische leger omsingeld en vanaf de overkant van de Merwede met kanonnen beschoten en daarbij werd circa driekwart van alle huizen en panden in Gorinchem verwoest. Ik heb binnen mijn familie van mijn moederskant nooit iets hierover gehoord. Blijkbaar is dat binnen mijn familie in de vergetelheid verdwenen. Onderwijl maakte ik foto 8 vanuit het raam op de tweede etage van het museum. Daarop ziet u de Grote Markt voor het stadhuis met de Wilhelminafontein. Daarna maakte ik een grote wandeling door de binnenstad en keerde aan het eind van de dag per trein terug naar Rotterdam.



Op de vijfde dag nam ik de trein naar Breda. Daar wilde ik al jaren lang naar toe. Maar vanuit Leeuwarden is dat natuurlijk moeilijk te doen vanwege de zeer grote afstand. Maar vanuit Rotterdam-Lombardijen is het een klein wippie langs Dordrecht en over het circa 1,5 kilometer brede Hollands Diep.
In Breda het ik het Breda's Museum bezocht. Dat is een interessant museum over de geschiedenis van de stad Breda met natuurlijk extra veel aandacht voor de Nassau's, de list met het Turfschip van Breda in 1590, en overige gebeurtenissen tijdens de 80-jarige oorlog. Maar het meest interessante aspect voor mij echter was het gebouw zelf waarin dat museum is gevestigd: dat is de vroegere Chasse-kazerne, gebouwd in 1896. Daar is mijn opa van mijn moederskant gelegerd geweest in de periode 1916-1920. Die voormalige kazerne ziet u op foto 9.
Daarna wandelde ik door het centrum van Breda en bezocht ik de Grote of Onze Lieve VrouweKerk. Dat is een prachtig Middeleeuws gotisch kerkgebouw, gebouwd tussen 1410 en 1547 als Rooms-Katholieke kerk en die sinds 1637 Protestants is gemaakt. Vanaf de Grote Markt maakte ik foto 10 van de fraaie gotische kerk. In de kerk zelf zijn diverse praalgraven te bewonderen, waaronder de graven van de Nassau's. Vervolgens wandelde ik langs het kasteel van Breda - dat voor de 80-jarige oorlog het paleis van Willem van Oranje was, en waar sinds 1828 de KMA (= Koninklijke Militaire Academie) in is gevestigd - terug naar het station voor de terugreis.



Ik had nog veel meer kunnen vertellen over wat ik allemaal in deze vakantieweek heb gezien, maar dat doe ik later maar, in volgende blogstukjes. Anders wordt dit blogstuk veel te lang.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten